Gastblog: Over schadeloosstelling Groningers

rechtsstaat vs gaswinningOp dit moment zijn er nog steeds partijen die ons willen doen geloven dat de door de aardbevingen beschadigde huizen in Groningen hersteld kunnen worden op een zodanige wijze dat ze veilig en bruikbaar blijven zonder kwaliteitsverlies en dat ze ook nog verkoopbaar zijn zonder financiële schade voor de bewoners. Hennie Kokkeler uit Hengelo stelt dat dat niet kan.

De kwaliteit van de rechtsstaat en aardbevingsbestendige bouw in Groningen

Op 7 januari 2014 stuurde ik een brief aan de minister van Economische Zaken Henk Kamp. Kern van mijn schrijven: het is zinloos te proberen de bestaande woningen te herstellen. De enige verantwoorde aanpak, technisch en financieel, is vervangende nieuwbouw, aardbevingsbestendig wel te verstaan. De tot nu toe meestal gehanteerde bouwwijze, stapelbouw, is dat niet en kan ook niet op een acceptabele manier aardbevingsbestendig gemaakt worden.

Het duurde tot 17 juli 2014 voor er een reactie kwam van EZ, echter pas nadat de Nationale Ombudsman hierover was benaderd.

Hieronder duid ik enkele onderdelen van de reactie van het ministerie van EZ:

Norm voor aardbevingsbestendige nieuwbouw

“Er zijn op dit moment geen normen in Nederland voor aardbevingsbestendig bouwen, de minister vindt het belangrijk dat er hiervoor een norm komt.” – uit de reactie van EZ

Er was op dat moment al wel het op 15 mei 2014 gepubliceerde NEN-interim-advies, ‘Voorlopige ontwerpuitgangspunten voor nieuwbouw en verbouw onder aardbevingsbelasting ten gevolge van de gaswinning in het Groningenveld’. Dat onderscheidt drie grenstoestanden:

  1. de bouwconstructie staat op instorten (NC, near collapse)
  2. significante beschadiging (SD, significant damage)
  3. schadebeperking (DL, damage limitation)

In het advies staat dat alleen grenstoestand NC altijd behoort te worden beschouwd, de andere twee kunnen optioneel worden meegenomen. Over SD zegt het advies: “Bij overschrijden van deze grenstoestand loont het waarschijnlijk vanuit economisch perspectief niet de moeite over te gaan tot herstel.” En over DL zegt het advies: “Deze grenstoestand kan gezien worden als een BruikbaarheidsGrensToestand. Beschouwing hiervan is niet noodzakelijk, maar kan overeengekomen worden tussen opdrachtnemer en opdrachtgever ingeval van een ontwerp waarbij een zeer beperkte schade van het bouwwerk gewenst is onder aardbevingsbelasting.”

Dus alleen instortingsgevaar moet worden voorkomen, het voorkomen van schade, ten gevolge van de aardbevingen, is ‘niet de moeite waard’ of een zaak van betrokkenen zelf, als die bijvoorbeeld beperking van de schade van het nieuw te bouwen bouwwerk wensen. (Wie wil dat nu niet?)

Duurzaam herstel van bestaande bouw

“Voor de bestaande bouw wordt gewerkt aan een nieuwe Nederlandse Praktijk Richtlijn (NPR)” – uit de reactie van EZ

Het concept van de NPR is inmiddels gepubliceerd (op 8 januari 2015).

In dat concept wordt aangetekend: “De stuurgroep vindt het belangrijk om op te merken dat de richtlijnen uit de NPR niet gaan over het voorkomen van schade aan gebouwen door aardbevingen, maar over het beperken van het risico op persoonlijk en/of dodelijk letsel als gevolg van het instorten van gebouwen of afvallende elementen van gebouwen. Dit betekent dat door toepassing van de NPR niet alle schade wordt voorkomen.”

De NPR gaat verder in de lijn van het NEN-advies van 15 mei 2014, zonder hier echter naar te verwijzen, en kiest opnieuw als standpunt dat er alleen gewerkt hoeft te worden aan richtlijnen die persoonlijk letsel of dodelijke ongevallen moeten voorkomen (grenstoestand NC).

Duidelijk is dat (dodelijk) letsel de opstellers van de NPR een brug te ver gaat. Maar andere schade als gevolg van bedrijfsmatig handelen van de NAM (met vergunning van de staat) moeten inwoners van Groningen blijkbaar voor lief nemen.

In de stuurgroep NPR zitten naast deskundigen van ingenieursbureaus en TNO ook burgemeesters. Geconsulteerd zijn: de NAM, alle burgemeesters uit het gebied, de Dialoogtafel en de Groninger Bodem Beweging.

Opmerkelijk is in dat licht de volgende passage over afdwingbaarheid van de NPR: “Op basis van de Woningwet heeft de eigenaar van de woning primair zeggenschap over zijn woning en de verantwoordelijkheid voor het onderhoud om daarmee te voldoen aan de bestaande normen (zoals windbelasting). Daarnaast heeft de gemeente een verantwoordelijkheid waar het gaat over de veiligheid van haar inwoners.”

Hoe is het mogelijk dat bestuurders en getroffenen uit het rampgebied hieraan meewerken?

Uit alle officiële stukken blijkt de krampachtige houding waarmee voorkomen moet worden dat de staat en de NAM aansprakelijk gesteld kunnen worden voor alle schade die in Groningen veroorzaakt wordt door de gaswinning. Rechtsstatelijk is dat zeer te betreuren.

De bewoners in Groningen hebben recht op een overheid die volledige aansprakelijkheid aanvaardt voor ALLE veroorzaakte schade door de gaswinning, niet alleen schade die tot (dodelijk) letsel kan leiden. Zelfs het College voor de Rechten van de Mens stelt vast dat “in Groningen de fysieke en psychische gezondheid van de mensen wordt aangetast”.

Al in november 2013 stuurde het College een brief naar minister Henk Kamp om hem te wijzen op het belang van de mensenrechten: “Het is vaste jurisprudentie van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens dat omgevingsfactoren, die een negatieve invloed hebben op de gezondheid en/of het ongestoord woongenot, een schending van artikel 8 – het eerbiediging van het privéleven, gezins- en familieleven en woning – kunnen opleveren.”

Over de NAM stelt het College in een recente brief aan de Tweede Kamer (10 februari 2015): “De NAM heeft een eigen verplichting om de mensenrechten te respecteren. Dat moet leiden tot een eigen afweging welke winning nog verenigbaar is met de mensenrechten van de bewoners. Dat stelt ook eisen aan de wijze waarop schade wordt hersteld. De lasten daarvan kunnen niet op de bewoners worden afgewenteld.”

En toch is dat waar met het NEN interim-advies én met het concept-NPR op aangestuurd wordt.

Bestaande bouw vervangen door aardbevingsbestendige nieuwbouw

“De bestaande bebouwing maakt (grotendeels) een belangrijk onderdeel uit van het landschap en de cultuur van Groningen en is moeilijk vervangbaar voor nieuwbouw.” – uit de reactie van EZ

Dit lijkt een valide argument, maar dat gaat in mijn ogen alleen op als bewoners er zelf voor kiezen om hun woning alleen van binnenuit zo te versterken dat persoonlijke ongelukken ten gevolge van aardbevingen in de toekomst worden voorkomen. Het beeld aan de buitenzijde zal dan slechts beperkt worden aangetast voor herstel, maar de binnenzijde van de woning zal aanzienlijk en blijvend zichtbaar worden aangetast. Tevens zal er na nieuwe aardschokken steeds opnieuw aanvullend herstel moeten worden uitgevoerd.

Hoe staat het met de verkoopkansen van zo’n woning? En mocht het tot een opkoopregeling komen: zullen NAM of de staat zo’n woning overnemen voor een bedrag dat de bewoner volledig schadeloos stelt?

Vervangende nieuwbouw direct ook energieneutraal en levensloopbestendig

EZ gaat in de reactie op mijn brief niet in op de mogelijkheid om over te gaan tot vervangende nieuwbouw, die én aardbevingsbestendig, én energieneutraal, én, indien gewenst, levensloopbestendig is. Groningen zou hiermee het eerste gebied zijn dat CO2-neutraal wordt en geen fossiele energie meer nodig heeft voor de woningen. Ook zouden voorzieningen in de krimpgemeentes op kleinschalig niveau behouden kunnen blijven.

Alles overziend ben ik van mening dat de rechtsstaat Nederland volledige aansprakelijkheid moet aanvaarden voor de schade als gevolg van gaswinning in Groningen.

Ook denk ik dat échte schadeloosstelling voor de inwoners van Groningen alleen mogelijk is middels vervangende nieuwbouw. De beperkte uitgangspunten van het NEN interim-advies en de concept-NPR bevorderen de kwaliteit van de rechtsstaat niet.

Over olifanten en (onbenutte) kansen

leeuwin-olifant-vlagGisteren was ik in ’t Zandt, op een informatiebijeenkomst georganiseerd door de Dialoogtafel Groningen.

Voor degenen die daar ook aanwezig waren: mijn excuses voor de interrupties, zeker in het begin. Dat was irritant, ik geef het toe.

Waarom deed ik er dan aan mee?

Omdat ik bij mijn favoriete natuurdocumentaire ook altijd ben vóór de oude, verzwakte olifant die nooit een vlieg kwaad zou doen, en dus tègen de leeuwin die haar brutale, al best wel zelfstandige en weldoorvoede welpen wat extra vlees wil toestoppen.

Vooral het feit dat het grote logge beest niet lijkt te beseffen hoe sterk hij is, grijpt me aan.

Tijdens het kijken word ik iedere keer weer een beetje wee van binnen. Wee en plaatsvervangend opstandig.

Enfin, na een berisping van de sprookjesvertellers voorlichters heb ik me beperkt tot het maken van aantekeningen. Uit die aantekeningen deel ik met u de volgende notities over kansen.

Kans dat Kamp erkent dat de woningmarkt op z’n gat ligt

Bij het onderdeel ‘Waardevermeerderingsregeling’ werd terecht opgemerkt dat die 4000 euro niet opweegt tegen de waardevermindering van onze huizen. Gezien de totaal verkrampte woningmarkt in het bevingsgebied is het bijkans onmogelijk om te verkopen zonder persoonlijk faillissement.

Daarop kwam het gesprek op het woningmarktonderzoek dat de Dialoogtafel laat uitvoeren door Prof. Peter Boelhouwer van de TU Delft.

Wij achten de kans groot dat minister Kamp na ontvangst van onze eigen onderzoeksgegevens zal erkennen dat er echt een woningmarktprobleem is, en daarnaar zal handelen.

Hm… Minister Kamp, dat is toch de man die wél sorry kan zeggen, maar niet adequaat kan/wil handelen naar aanleiding van de erkenning dat er een grote kans is op bevingen met vérstrekkende gevolgen?

We zijn halverwege de aanval. De leeuwin hangt aan één van de voorpoten van de olifant. Hij bloedt. Hij trompettert luid. Hij schudt heen en weer. Maar hij trapt niet.

Kans dat gewone burgers doordringen tot Den Haag

Gelukkig snapte Jan Boer, voormalig VVD-wethouder te Loppersum en namens Groninger Dorpen lid van de Dialoogtafel Groningen, dat ik me vanwege mijn grote zorgen zo irritant opstelde. Omdat hij mij, en alle andere aanwezigen, graag wilde geruststellen, vertelde hij dat het vast en zeker beter zal gaan wanneer de Nationale Coördinator Groningen eenmaal is geïnstalleerd.

Want ondanks het feit dat Mark Dierikx, de rechterhand van VVD-minister Kamp, deelneemt aan de Dialoogtafel, lukt het maar niet om écht tot diezelfde minister door te dringen.

In plaats van zich af te vragen hoe dat nou komt, heeft de Dialoogtafel alle hoop gevestigd op een toeschietelijke en gulle Coördinator die al onze wensen zal vervullen.

Ze verlangen dus naar een soort Sinterklaas. Ik heb daar alle begrip voor. Ik vond het ook niet leuk om te horen dat de NAM die rol niet wilde vervullen. En daar was ik beslist niet de enige in, getuige deze ingezonden brief.

Het is de olifant gelukt om de leeuwin van zich af te schudden. Ze blijft echter om hem heen cirkelen. Hij ziet haar niet, verward, afgeleid door de pijn. “Leeuwin op vijf voor twaalf!” roep ik. “Trap dan!”

Kans dat het bevingsgebied alsnog perspectief biedt

Het Centrum Veilig Wonen hield een gloedvol praatje over de erkenningsregeling voor vaklieden. De redenering was deze: met de juiste competenties en wat extra communicatietraining kunnen we het schadeherstel, de bouwkundige inspecties én de preventieve versterking snel in goede banen leiden.

Dat de bevingen zwaarder worden, en de problemen groter, moesten we niet zien als een domper op ons bestaan.

Integendeel. Jan Emmo Hut stelde:

Het gaat om de kans die erin zit om te kijken om datgene wat er gebeuren moet te combineren met economisch perspectief, zodat zich uiteindelijk zelfs méér mensen hier willen vestigen.

Had de olifant nou maar die trap gegeven. Nu heeft de leeuwin er haar jongere zus bij gehaald! Ik zit op het puntje van mijn stoel. “Twee tegen één, durven jullie wel!”

Kans dat Veiligheidsregio Groningen juist handelt

Toen ik de mevrouw van de Veiligheidsregio Groningen onderbrak om aan te geven dat er in het Incidentbestrijdingsplan Aardbevingen een verkeerd uitgangspunt wordt gehanteerd, viel dat niet in goede aarde.

Ietwat verbolgen merkte ze op dat er naast het criterium ‘doden’ nog vele andere criteria meewegen bij het opstellen van een risicoprofiel, en dat er op basis van al die criteria bij elkaar een plan is opgesteld.

Dat een risicoprofiel niet afhangt van één enkel criterium snap ik wel.

Maar het lijkt mij dat een juiste inschatting van het aantal te verwachten doden nogal essentieel is – al was het maar omdat je dan een beetje weet hoeveel bodybags je op voorraad moet hebben.

De olifant siddert. Aan iedere achterpoot hangt een leeuwin. Een oor is gescheurd, en zie ik daar een beetwond op zijn slurf? “Hou vol,” gil ik, “hou vol!”

Kans dat we een veel groter risico lopen dan gedacht

Tot slot het verhaal van mijnheer De Haan (NAM). Hij zei trots dat er steeds meer en beter wordt gemeten. En al die meetgegevens worden door wetenschappers uit de hele wereld onderzocht. De bedoeling is om te komen tot een nauwkeuriger inschatting van de risico’s.

Want, aldus mijnheer de Haan:

De kans op een beving van 4,8 zoals we die nu hebben berekend, is gebaseerd op een model met veel onzekere factoren, en daarom is deze berekening aan de conservatieve kant.

O-kee…

Sinds de risicoanalyse van Staatstoezicht op de Mijnen weten we dat er bij een zwaardere beving in één klap meer slachtoffers kunnen vallen dan bij bijvoorbeeld een ramp bij Schiphol. Het groepsrisico in het gebied beïnvloed door de Huizinge-beving is volgens het SodM zelfs vergelijkbaar met het landelijk groepsrisico bij overstromingen.

Maar blijkbaar is dat achterhaalde informatie. De kans dat we dat groepsrisico in de praktijk gaan ervaren, is onmetelijk groot.

Terwijl de doden zich in mijn hoofd opstapelden, sprak mijnheer de Haan de volgende cryptische woorden:

U moet niet de werkelijkheid omdraaien naar wat u wilt zien.

De olifant is moe, doodmoe. Terwijl hij kreunend in elkaar zakt, nog vóór de eerste stukken van zijn lijf worden gescheurd, zet ik de DVD-speler uit. Hoe vaak ik deze documentaire ook kijk, ik haal nooit de aftiteling. Dat trek ik niet.

Nee, dat trek ik niet.