Verzet u tegen statistisch gelul

Onze enige zorgplicht: Shell en Exxon eruit schoppen
Onze zorgplicht = onze levens

Het plaatje hiernaast komt uit de Risicomethodiek van NAM. NAM heeft bedacht dat wij, als eigenaar / beheerder van onze huizen, zorgplicht hebben, en vult dat namens ons in met ‘achterstallig onderhoud’. Uiteraard neemt NCG die terminologie braaf over. (Good dog!) Maar onze zorgplicht ligt heel ergens anders. Ik leg het aan u uit aan de hand van het recent verschenen Winningsplan en het Meet- en Regelprotocol.

Aardbevingsrisico

In beide documenten wordt gesproken over het zogenaamde ‘aardbevingsrisico’. Dat is niet, zoals je zou verwachten, het risico dat er aardbevingen plaats zullen vinden in Groningen. (Dat risico is namelijk 100%, en als je dat als basis neemt, moet je gewoon stoppen met winnen. Dat willen Shell en Exxon niet. En ‘onze’ overheid wil het ook niet.)

Nee, het aardbevingsrisico is een door de Commissie Meijdam in opdracht van EZ geformuleerd sadistisch statistisch dingetje. Het is de kans dat iemand in de periode van één jaar komt te overlijden als gevolg van een aardbeving.

Meer specifiek heet dit het ‘Objectgebonden Individuele Aardbevingsrisico (OIA)’, en daar schreef ik eerder dit artikel over.

Op dit afgebakende risico is nogal wat aan te merken. Dat het alle andere mijnbouwschade uitsluit bijvoorbeeld. De geïnduceerde bevingen in Groningen vinden heus niet plaats in een vacuüm. Gaswinning heeft nog veel meer (ernstige) gevolgen, en al die gevolgen werken in op elkaar, op ons, en op onze huizen.

Daarnaast is het OIA doortrokken van de aannames over hoe Groningers wonen, werken en leven. Onze kans op overlijden door één van de gevolgen van gaswinning, hangt in de visie van NAM sterk samen met waar wij onze tijd doorbrengen. Maar dat kán helemaal niet in kaart worden gebracht. (Ook niet met de infraroodcamera’s op die zogenaamde aardbevingsauto.) Het gaat om vele tienduizenden mensen, verspreid over een gebied van wel 900 km2!

Kansen verkleinen

In het Meet- en Regelprotocol ratelt NAM:

Het aardbevingsrisico is niet statisch maar verandert voortdurend. Bovengrondse maatregelen zoals het versterken van gebouwen, maar ook informatie uit schadeafhandeling en preventieve inspectie van gebouwen heeft invloed op de inschatting van het aardbevingsrisico.

Kijk, en dáár zit ‘m de kneep.

De kans dat we als gevolg van de gaswinning (blijvend) lichamelijk of psychisch letsel oplopen, wordt nergens vermeld. De kans dat we voor het leven geruïneerd én getraumatiseerd zijn, wordt ook nergens vermeld. De kans dat we er ZELF maar een eind aan maken, omdat we het getreiter van Shell, Exxon en overheid niet meer aan kunnen, wordt zéker niet vermeld.

NAM doet er ondertussen alles aan om die statistische kans op overlijden door een beving op papier nog wat verder te verkleinen.

‘Bouwkundige versterking’ is hierbij het toverwoord. Om tempo te maken, wordt vooral ingezet op het versterken van rijtjeswoningen, bij voorkeur corporatiewoningen, want met één eigenaar is het makkelijker onderhandelen dan met vele duizenden. Of die duizenden particuliere eigenaren überhaupt ‘mogen’ versterken, bepaalt NAM met behulp van door NAM ingehuurde bedrijven. (En NCG helpt hen daar enthousiast bij. Nogmaals: Good dog!)

Of het versterken ooit verder zal gaan dan ‘kooiconstructie-maar-na-zware-beving-total-loss’, tja… In het Winningsplan wordt niks gezegd over funderingen, en dat is niet voor niets. Wie naar funderingen kijkt, komt tot schokkende en verstrekkende conclusies over écht bouwkundig versterken.

De aandacht gaat daarom bij voorkeur uit naar de scheuren in onze muren, en die vallen (aldus NAM) onder de lichte categorieën DS 1 en DS 2. Daarbij komt het goed uit dat NAM een particulier schademeldclubje CVW heeft, dat keurig volgens de NAM-regels schade vaststelt (= afwijst). Dat schiet lekker op.

Kortom: het aardbevingsrisico wordt op papier kleiner doordat er ‘bouwkundig versterkt’ wordt. Ook wordt het kleiner door ‘betere schade-afhandeling’. En tot slot wordt het kleiner omdat er meer ‘informatie uit preventieve inspecties’ is. (Vooralsnog met name de straatfoto’s door ARUP, eventueel gevolgd door miezerige schoorsteen-eraf-adviesjes.)

En zo kan het gebeuren dat we straks helemaal geen ‘aardbevingsrisico’ in Groningen meer hebben, terwijl er wel degelijk aardbevingen zijn. En die veroorzaken wel degelijk schade, zeker in combinatie met alle andere gevolgen van de gaswinning. Maar ja, over de kans op beschadigde, onverkoopbare huizen die langzaam maar zeker met depressieve bewoners en al de grond in zakken gaan de berekeningen van NAM helemaal niet.

Ondertussen baselt NAM nog wat over het ‘te verwachten’ aantal bevingen bij een bepaald productieniveau, en wordt er wat gerommeld met grenswaarden. Denk maar niet dat NAM minder gaat pompen als die zelfbedachte grenswaarden overschreden worden. Nee hoor, dan wordt er volgens goed NAM-gebruik van alles onderzocht en geanalyseerd en gerapporteerd.

Heel misschien wordt er daarna wat aan het ‘aardbevingsrisico’ gemorreld. (“Nou vooruit, misschien toch 0,00005% kans op overlijden.”)

En dat is het dan wel zo’n beetje.

Weiger alle medewerking

De kans op bevingen wordt als een ‘fact of life’ beschouwd en doet er niet toe. De kans op doden wordt op papier tot een minimum beperkt met allemaal statistisch gelul, ondersteund met onderzoeken die nergens op slaan. (Zoals het testen van een nagelnieuw minihuisje zonder binnenmuren, uitbouw of dakkapel op een trilplaat in Italië.)

Shell en Exxon hebben zich samen met ‘onze’ overheid losgerukt van de werkelijkheid. En dus nadert de kans op burgerlijke ongehoorzaamheid de 100%.

We moeten protesteren. Heel veel protesteren. Gigantisch veel protesteren. Ja, we hebben een zorgplicht. Wij zijn de hoeders van ons leven. En dat gaat verder dan die kans op overlijden. Veel verder.

Dat protest kan vele vormen aannemen. Ik noem er hieronder één.

NAM geeft in het Meet- en Regelprotocol aan onder andere in de volgende situatie minder gas te zullen produceren dan het aangegeven jaarvolume:

Als de voortgang van het versterkingsprogramma zodanig achterblijft dat de versterkingsopgave redelijkerwijs niet kan worden gerealiseerd binnen de voorgeschreven termijn van 5 jaar.

U wilt invloed uitoefenen op het achterlijke gaswinningsbeleid? U voelt zich gepiepeld als statistisch ingekaderde Groninger?

Weiger die ‘bouwkundige versterking’. Massaal. Zo wordt binnen de kortste tijd duidelijk dat de voorgeschreven termijn van 5 jaar niet gehaald wordt.

Eerst dat jaarvolume naar 12 miljard kuub of minder. Daarna gaan we wel eens praten over ingrepen in onze huizen.

Als dat dan nog nodig is.

 

Nú. Niet over tien jaar

Was het maar een rode kaart...
Was het maar een rode kaart…

Gisteren werd bekend dat NAM ‘veilig’ meer dan 27 miljard kuub gas denkt te kunnen winnen. Het is moeilijk om in het duistere brein van Shell- en Exxon-medewerkers te kijken, maar dit lijkt zo’n beetje de gedachtegang te zijn:

1) We leveren de BV Nederland een hoop centjes, dus vanuit die hoek geen klachten (en anders kunnen we nog dreigen met juridische stappen omdat we inkomsten derven)

2) We winnen flexibel en grijpen in zodra er een flinke beving plaatsvindt (“als het kalf verdronken is, dempt men de put”, of zoals wij dat bij Shell en Exxon zeggen: “hand aan de kraan” *)

3) We zetten kooiconstructies in sommige huizen om te voorkomen dat ze instorten, en als dat te duur is, gaan we slopen (maar de schade blijft komen, en die wijzen we bij voorkeur af)

Uiteraard buitelen de Groningers over elkaar om er schande van te spreken. Niks méér gas winnen. Minder! Heel veel minder! Klaar met NAM!

Ook politici roepen geïrriteerd dat het alleen maar omlaag mag gaan met die gaswinning. Jan Vos was daar vandaag bij Radio 1 zelfs bozig over. Die verontwaardiging is een beetje vreemd.

In de Prinsjesdagstukken 2015 heeft zijn collega Dijsselbloem voor de periode 2016-2020 33 miljard kuub per jaar laten noteren (pagina 33 van de EZ-begroting). Weliswaar met de kanttekening dat het kabinet eind 2015 een besluit over de toekomst van de gaswinning zou nemen – maar dat besluit is niet genomen. In plaats daarvan heeft de minister zich aan de uitspraak van de Raad van State gehouden. Die geldt tot er een nieuw besluit wordt genomen, ergens in dit jaar.

En nu? Krijgen we een herhaling van zetten? Gaan we weer fijn gasbingo spelen? Of komt de overheid over de brug met échte oplossingen voor de gedupeerde burgers in Groningen?

Overheid en onbehoorlijk gedrag

Laat ik onze eigen situatie als voorbeeld nemen. Na ruim anderhalf jaar heeft NAM / Commissie Bijzondere Situaties zonder enige hulp te bieden ons dossier gesloten. Ik heb begrepen dat de Nationaal Coördinator Groningen in een vrij laat stadium nog een halfhartige poging heeft gedaan om de boel vlot te trekken.

Ik probeer me voor te stellen hoe dat is gegaan:

NCG-medewerker (loopt naar het secretariaat van NAM / Commissie, dat toevallig in hetzelfde pand zit): “Hé, hoi, hoe gaat-ie? Nog iets leuks gepland voor dit weekend?”

NAM / Commissie: “Hoipipeloi. Ja, beetje relaxen, drukke week achter de rug. Veel ingewikkelde dossiers, veel mensen afgewezen.”

NCG-medewerker: “Ach, wat naar voor je… Nou, dan houd ik het kort. Kijk, deze mensen hebben geklaagd, misschien dat jullie toch maar eens hun huis moeten laten taxeren… Is maar een ideetje hoor, voel je niet verplicht of zo.”

NAM / Commissie: “Taxeren? Nee, gaan we niet doen. En in gesprek gaan we ook niet. Dat dossier sluiten we af. Veel te veel gedoe.”

NCG: “OK, jammer dan. Samen lunchen?”

Over de gang van zaken bij de Commissie hebben we een aantal maal geklaagd. Eerst bij de Commissie, toen bij de overheid, onder andere bij EZ. Die gaf de klacht uit handen aan de NCG, en die gaf na ruim vijf maanden bij monde van Hans Alders een (ontwijkend) antwoord. Dat wij daar zo lang op moesten wachten, is natuurlijk absurd. Iedere dag telt als je in de penarie zit en duidelijkheid wilt!

Dat vindt gelukkig ook de Nationale Ombudsman, bij wie wij over het gedrag van EZ/NCG hebben geklaagd. Vandaag publiceerde de Ombudsman een rapport waaruit duidelijk wordt dat EZ en NCG zich in dezen niet behoorlijk hebben gedragen. Onze klacht is dus gegrond verklaard.

Aan de ene kant is dat een mooi signaal. De overheid moet de burgers in Groningen veel sneller duidelijkheid geven. Daarbij moet worden aangesloten bij wat de burgers écht nodig hebben. Dat is een loffelijk streven dat wel met de lippen wordt beleden, maar in de praktijk nauwelijks ten uitvoer wordt gebracht.

Want aan de andere kant zijn onze problemen nog helemaal niet opgelost – en de problemen van vele duizenden andere Groningers ook niet. Onze huizen zijn als gevolg van de gaswinning beschadigd en onveilig, en daardoor slecht of niet verkoopbaar. We moeten vechten voor iedere cent schadevergoeding. En onze leefomgeving staat zwaar onder druk.

De overheid, lokaal, provinciaal en nationaal, luistert slecht en komt met flutoplossingen en extraatjes die nergens op slaan. Veiligheid en rechtvaardigheid – dáár gaat het om. Niet meer, en niet minder.

Het onrecht vreet aan de inwoners van de prachtige provincie Groningen. Zoals de nieuwe Commissaris der Koning René Paas onlangs in een interview op BNR Radio al stelde:

Groningen is behoorlijk mishandeld en dat moet worden rechtgezet.

Overheid en integriteit

Het ministerie van Economische Zaken en de Nationaal Coördinator Groningen hebben bij herhaling laten zien zich niet dienstbaar aan de burger op te stellen. Ook integriteit staat bij hen niet hoog in het vaandel.

Zo worden schrijnende gevallen door de overheid (Onafhankelijk Raadsman en burgemeesters bevingsgebied) doorgeleid naar een commissie die door de veroorzaker van de ellende (NAM) is ingesteld. Het geld voor de eventuele hulp van die Commissie Bijzondere Situaties komt dan ook van NAM. De commissie beschikt niet eens over een eigen bankrekening. En op beslissingen van de commissie heeft de overheid, in casu de NCG, blijkbaar geen enkele invloed.

Maar zelfs als de NCG wél invloed heeft, maakt dit instituut vreemde keuzes. Zo werd recent bekend dat enkele casemanagers die tot eind 2015 namens NAM het leven van ‘complexe gevallen’ zuur maakten, per 1 januari 2016 door NCG zijn ingehuurd om diezelfde complexe gevallen nu vanuit de overheid te ‘begeleiden’.

In feite is het publiek-private gasgebouw niet afgebroken, maar uitgebreid met een Loket Burgerpraatjes. En achter dat loket zitten de oude vertrouwde stakeholders de Groningers op de oude vertrouwde manier te zieken.

Een paar tips voor de overheid

Vele duizenden mensen staan met de rug tegen de muur. Zelf denk ik dat alleen de juridische weg nog soelaas kan bieden. En daarom moet er geld beschikbaar worden gesteld om rechtszaken te kunnen voeren. Geld dat het Rijk en de provincie wél in kas hebben, maar de vrijwel kaalgeplukte Groningers niet.

Tip 1 is dus: trek die portemonnee, en wel nú. Niet over tien jaar. Er gaan nú mensen kapot, er zijn nú concrete stappen nodig om af te dwingen dat situaties op fatsoenlijke en voor iedereen gelijke wijze worden opgelost.

Bij de afwikkeling van problemen laat overheidsinstantie NCG keer op keer steken vallen. Met de juiste (integere) mensen aan het roer kan dat misschien voorkomen worden.

Tip 2 is dus: trek integere mensen aan. Wees niet bang om reeds aangestelde mensen de laan uit te sturen als blijkt dat zij niet vanuit burgerperspectief redeneren, maar vanuit de belangen van Shell, Exxon en het Rijk. Zoek naar mensen met hoofd én hart. Die zijn er. Heus.

En tip 3 is er een in de categorie ‘kansloos’, maar ik noem hem toch:

Ontneem Shell en Exxon de concessie. Nú. Niet over tien jaar. Want veilig gaswinnen kan niet in Groningen. Het experiment moet stoppen.

* Hier een interessant artikel over het hand-aan-de-kraan-principe oftwel ‘traffic light approach’ zoals toegepast in Oklahoma, waar ook veel geïnduceerde bevingen plaatsvinden. Let op de genoemde magnitudes – die zijn veel te hoog voor de situatie in Groningen! Bovendien stoppen bevingen en bodemdaling echt niet direct nadat gaswinning is stilgelegd.

In bijna alles het tegenovergestelde

home bitter homeHenk Kamp, Hans Alders, Gerald Schotman en hun vele bestuurlijke vazallen strooien graag met one-liners die hen een invoelend en meelevend aura geven.

“De burger staat centraal, het is tenslotte ingrijpend, het gaat wel om hun huis, hun thuis.”

Zulk soort zinnetjes.

 

Tegelijkertijd doen ze alsof wij in wingewest Groningen slechts last hebben van emoties, door ons een “gevoel van onveiligheid” toe te dichten, in plaats van klip en klaar te zeggen dat we in een onveilige situatie verkeren.

Een onveilige situatie die mogelijk nog decennia zal aanhouden.

Wat er uit de monden van die mensen komt, is eigenlijk één groot PR-praatje. Ik liet het recente RTV Noord-interview met NAM-baas Gerald Schotman daarom zien aan een kennis die goed is in psychologie en weet welke retorische trucjes er in de wereld van PR gebruikt worden.

Het commentaar was niet mals:

* Aardbevingsuitdaging – dat hoort natuurlijk aardbevingsgevaar te zijn. Uitdaging is een eufemisme, en bovendien omzeilt Schotman zo de schuldvraag.

* De uitdaging is zo groot dat er veel partijen nodig zijn, we moeten het met z’n allen doen – zo maakt Schotman andere partijen medeverantwoordelijk voor het abstracte “vooruitgang”.

* Het gaat niet om vertrouwen in NAM, maar om vertrouwen in de toekomst – weer schuld verleggen, door te doen alsof de statistieken niet op de gevolgen van de gaswinning slaan, maar op gevoelens en angsten die bij mensen leven.

* Wat mensen zelf nou eigenlijk willen – ook bij de moeizame afhandeling van de 195 complexe gevallen legt Schotman de schuld buiten zichzelf. In feite zegt hij dat het door de bewoners komt dat er geen voortgang in die gevallen is.

Het PR-praatje lijkt dus vooral bedoeld om de schuld af te schuiven, een beetje op die andere partner in de Maatschap Groningen (de Nederlandse staat, die veel extra partijen heeft gecreëerd om zich tegen Groningen aan te bemoeien), en nogal veel op de gedupeerden. En dat terwijl zich in Groningen toch echt een industriële ramp voltrekt, die voorzien en voorkomen had kunnen worden.

Dat de trukendoos van de veroorzakers niet toereikend is voor het afdekken van deze ramp, blijkt wel uit dit citaat uit een interview met Nationaal Coördinator Groningen Hans Alders in het ledenblaadje van de Vereniging Eigen Huis:

Ik wil realistisch zijn: dit kan wel eens 10 jaar gaan kosten.

En dat terwijl Alders nog niet eens echt begonnen is.

De door Kamp ingestelde Commissie Meijdam stelt overigens dat iedere Groninger over maximaal 5 jaar even veilig zou moeten kunnen wonen als andere inwoners van Nederland.

Je zou zeggen, dat is een bindend advies, maar nee, de Commissie voegt er gauw aan toe dat dit behoort tot de beleidsruimte van de verantwoordelijke overheden en van de ruimte van de Nationaal Coördinator Groningen.

En die laatste telt er dus bij aanvang van zijn Meerjarenprogramma alvast vijf jaar bij op. Maar, voegt Alders er invoelend aan toe:

Het gaat om schade aan je thuis. Dat is heel ingrijpend.

Wat hebben wij Groningers eigenlijk aan die uitgekauwde invoelendheid? Daarmee krijgen wij toch echt niet terug wat de gaswinners van ons hebben afgepakt: ons thuis.

Ik vroeg medegedupeerden om te beschrijven wat “thuis” voor hen betekent:

  • Thuis staat gelijk aan innerlijke rust. Het is voor velen moeilijk om angst, woede, verdriet en verbolgenheid opzij te schuiven. De nachtrust lijdt eronder. Er is een eindeloze zoektocht naar vrede in het hart. (Denk aan Lao Tse: Om thuis vrede te hebben, moet je hem vinden in je hart.)
  • Thuis is een plek waar je geen gevaar voelt. Je moet je kinderen, kleinkinderen, familie en vrienden in huis kunnen ontvangen zonder dat deze gevaar lopen voor een gasbeving.
  • Thuis is een plek waar je geen moeite hoeft te doen voor de meest vanzelfsprekende dingen, nauwelijks ergens bij stil hoeft te staan.
  • Thuis is waar je helemaal je eigen leven kunt leiden, in plaats van dat je geleefd wordt. Een plek waar je door normale zaken ziek kan en mag worden, niet door alle gaswinningsellende.
  • Thuis is een plek waar je graag naar toe gaat, niet een plek die je zoveel mogelijk probeert te ontvluchten.
  • Thuis is een plek die je steeds weer naar je eigen zin kunt inrichten, waar je lekker kunt rommelen. Niet een plek waar alles stil staat, omdat je weet dat er moet worden versterkt en/of omdat er van alles gesloopt moest worden om schade te herstellen.

En, als uitsmijter, neem ik hier integraal de uitleg over van een Groninger in hart en nieren:

Thuis is voor mij de regio waar mijn grootouders en voorvaderen woonden. Het gebied waar mijn verleden ligt en mijn heden onzeker is en mijn toekomst uitzichtloos is. Mijn huis, mijn thuis. Mijn veilige haven zou een plek moeten zijn van geborgenheid en rust, een oase in onze drukke wereld. Maar door de schoften uit Den Haag is het een ketting aan mijn been en een steen om mijn nek. En geeft meestal een gevoel van rusteloosheid en bitterheid. Het is bijna in alles het tegenovergestelde van wat het zou moeten zijn.

Oh, hoe bitter.

Hoe de gaswinners omgaan met de gevolgen van de industriële ramp die zij hebben veroorzaakt is in bijna alles het tegenovergestelde van hoe het zou moeten.

En dat is precies de reden dat ook het “thuis” van duizenden Groningers in bijna alles het tegenovergestelde is van wat het zou moeten zijn.