De Haagse variant van de Ziekte van Lekker

slaap-lekker copyAfgelopen weekend viel mijn blik op pagina 3 van het katern O&D van het NRC Handelsblad.

Boven de vouw stond een tekening van Siegfried Woldhek, van een blozend-roze minister Kamp, met daarnaast wat uitleg over gasboringen bij Schiermonnikoog, het ‘debat Groningen’, en de NAM – altijd maar weer die kut-NAM.

Onder de vouw stond een column van Rosanne Hertzberger. Die was na een paar jaar in de Verenigde Staten terug verhuisd naar Nederland, en verbaasde zich in haar nieuwe woonst, zo te lezen een wat yuppig gedeelte van de Randstad, over de Ziekte van Lekker.

(Lees de column hier na.)

De combinatie van de gaswinningsellende boven de vouw en de afsluitende zinnen van Hertzberger onder de vouw (Er is niets om voor te vechten. Niets om over te schrijven. Dit land is af”) schoot mij in het verkeerde keelgat.

Dus klom ik in de pen en schreef de opiniechef van het NRC een mailtje:

Op 8 november 2014 publiceerde u van mij een paginagroot opiniestuk over de gaswinning in wingewest Groningen (“Pech? De Staat deed ons dit aan“). Zoals dit weekend op pagina 3 van het katern O&D bij de karikatuur van Henk Kamp al beschreven, houdt de gaswinningsellende niet alleen ons, gedupeerde Groningers, maar ook de Tweede Kamer nog altijd flink bezig. De ramp is inmiddels niet meer te overzien, met uithuiszettingen en ‘aardbevingsdaklozen’ tot gevolg.

Het heeft me als bijzonder pijnlijk getroffen om na het stukje over Kamp op dezelfde pagina de column van Rosanne Hertzberger te lezen (‘Hier in Holland heerst de Ziekte van Lekker’).

Ongetwijfeld beschikt een groot deel van de (hoogopgeleide) bewoners van de Randstad over de verworvenheden die zij met verve beschrijft. Maar in het gaswingebied, decennialang leverancier van de pecunia waarop die lekkere welvaart is gebouwd, ziet de Ziekte van Lekker er toch echt anders uit.

Lekker bakkeleien over de reparatie en versterking van je kapotte huis met lekker kille mannen van NAM / Centrum Veilig Wonen. Lekker honderden bladzijden taaie kost lezen om bezwaar aan te tekenen tegen een krankjorem gaswinningsbesluit waarmee je veiligheid nog altijd niet gegarandeerd is. Lekker met de afdeling Intensief Beheer van je bank bellen omdat ze willen dat je geld bijstort nu je huis onder water staat door de forse waardedaling. Lekker niet slapen, nacht na nacht na nacht. Lekker stutten plaatsen in je woonkamer. Lekker huilen omdat een medegedupeerde uit huis dreigt te worden gezet. Lekker demonstreren omdat je rechten aan alle kanten met voeten getreden worden. Lekker wegzakken in een depressie. Meerdere malen per dag denken: Ik maak er lekker een eind aan. En dan laat ik op mijn grafsteen zetten: ‘Leefde een lekker leventje – tot Shell, Exxon en minister Kamp daar wreed een eind aan maakten’.

Als mevrouw Hertzberger nog eens iets zoekt om over te schrijven, laat haar dan lekker naar Groningen komen. Hier is nog genoeg om voor te vechten.

De mail is gelezen. Er is verder niet op gereageerd.

Natuurlijk realiseer ik me dat het cynisch bedoeld was van mevrouw Hertzberger. Ze heeft een grappig en scherp portret willen schrijven van de welvarende minderheid waartussen zij zich bevindt in Den Haag. Een minderheid die op een goedverzorgde roze wolk leeft. Een minderheid die de klappen het laatst zal krijgen – if ever.

Onder Haagse politici heerst een bijzondere variant van de Ziekte van Lekker. Het belangrijkste symptoom: lekker doen alsof ‘Groningen’ geen gevalletje FUBAR is (Fucked Up Beyond Any Recognition). Lekker in de aanloop naar de verkiezingen scoren met loze moties die Kamp toch niet uitvoert. Lekker geen steun geven voor een parlementaire enquête, omdat je niet wilt weten over hoeveel Groningse lijken de toko waarvoor je werkt eigenlijk gaat.

Een enkeling is immuun, maar loopt juist daardoor een grotere kans op andere ziektes. Burn-out, depressie – een Haagse politicus die onder ogen ziet wat wij hier in Groningen allang weten, krijgt vanzelf ook onze klachten.

Enfin. Het was humor, die column. En wie het laatst lacht, lacht het best. Ik oefen nog even:

Ha. Haha. Hahaha (= de schorre, geknepen lach van ’n boer met zielepijn om de teloorgang van het prachtige Grunneger laand…)

UPDATE: de redactie van NRC heeft een iets ingekorte versie van mijn mail op de brievenpagina van de krant van zaterdag 25 juni geplaatst.

Nú. Niet over tien jaar

Was het maar een rode kaart...
Was het maar een rode kaart…

Gisteren werd bekend dat NAM ‘veilig’ meer dan 27 miljard kuub gas denkt te kunnen winnen. Het is moeilijk om in het duistere brein van Shell- en Exxon-medewerkers te kijken, maar dit lijkt zo’n beetje de gedachtegang te zijn:

1) We leveren de BV Nederland een hoop centjes, dus vanuit die hoek geen klachten (en anders kunnen we nog dreigen met juridische stappen omdat we inkomsten derven)

2) We winnen flexibel en grijpen in zodra er een flinke beving plaatsvindt (“als het kalf verdronken is, dempt men de put”, of zoals wij dat bij Shell en Exxon zeggen: “hand aan de kraan” *)

3) We zetten kooiconstructies in sommige huizen om te voorkomen dat ze instorten, en als dat te duur is, gaan we slopen (maar de schade blijft komen, en die wijzen we bij voorkeur af)

Uiteraard buitelen de Groningers over elkaar om er schande van te spreken. Niks méér gas winnen. Minder! Heel veel minder! Klaar met NAM!

Ook politici roepen geïrriteerd dat het alleen maar omlaag mag gaan met die gaswinning. Jan Vos was daar vandaag bij Radio 1 zelfs bozig over. Die verontwaardiging is een beetje vreemd.

In de Prinsjesdagstukken 2015 heeft zijn collega Dijsselbloem voor de periode 2016-2020 33 miljard kuub per jaar laten noteren (pagina 33 van de EZ-begroting). Weliswaar met de kanttekening dat het kabinet eind 2015 een besluit over de toekomst van de gaswinning zou nemen – maar dat besluit is niet genomen. In plaats daarvan heeft de minister zich aan de uitspraak van de Raad van State gehouden. Die geldt tot er een nieuw besluit wordt genomen, ergens in dit jaar.

En nu? Krijgen we een herhaling van zetten? Gaan we weer fijn gasbingo spelen? Of komt de overheid over de brug met échte oplossingen voor de gedupeerde burgers in Groningen?

Overheid en onbehoorlijk gedrag

Laat ik onze eigen situatie als voorbeeld nemen. Na ruim anderhalf jaar heeft NAM / Commissie Bijzondere Situaties zonder enige hulp te bieden ons dossier gesloten. Ik heb begrepen dat de Nationaal Coördinator Groningen in een vrij laat stadium nog een halfhartige poging heeft gedaan om de boel vlot te trekken.

Ik probeer me voor te stellen hoe dat is gegaan:

NCG-medewerker (loopt naar het secretariaat van NAM / Commissie, dat toevallig in hetzelfde pand zit): “Hé, hoi, hoe gaat-ie? Nog iets leuks gepland voor dit weekend?”

NAM / Commissie: “Hoipipeloi. Ja, beetje relaxen, drukke week achter de rug. Veel ingewikkelde dossiers, veel mensen afgewezen.”

NCG-medewerker: “Ach, wat naar voor je… Nou, dan houd ik het kort. Kijk, deze mensen hebben geklaagd, misschien dat jullie toch maar eens hun huis moeten laten taxeren… Is maar een ideetje hoor, voel je niet verplicht of zo.”

NAM / Commissie: “Taxeren? Nee, gaan we niet doen. En in gesprek gaan we ook niet. Dat dossier sluiten we af. Veel te veel gedoe.”

NCG: “OK, jammer dan. Samen lunchen?”

Over de gang van zaken bij de Commissie hebben we een aantal maal geklaagd. Eerst bij de Commissie, toen bij de overheid, onder andere bij EZ. Die gaf de klacht uit handen aan de NCG, en die gaf na ruim vijf maanden bij monde van Hans Alders een (ontwijkend) antwoord. Dat wij daar zo lang op moesten wachten, is natuurlijk absurd. Iedere dag telt als je in de penarie zit en duidelijkheid wilt!

Dat vindt gelukkig ook de Nationale Ombudsman, bij wie wij over het gedrag van EZ/NCG hebben geklaagd. Vandaag publiceerde de Ombudsman een rapport waaruit duidelijk wordt dat EZ en NCG zich in dezen niet behoorlijk hebben gedragen. Onze klacht is dus gegrond verklaard.

Aan de ene kant is dat een mooi signaal. De overheid moet de burgers in Groningen veel sneller duidelijkheid geven. Daarbij moet worden aangesloten bij wat de burgers écht nodig hebben. Dat is een loffelijk streven dat wel met de lippen wordt beleden, maar in de praktijk nauwelijks ten uitvoer wordt gebracht.

Want aan de andere kant zijn onze problemen nog helemaal niet opgelost – en de problemen van vele duizenden andere Groningers ook niet. Onze huizen zijn als gevolg van de gaswinning beschadigd en onveilig, en daardoor slecht of niet verkoopbaar. We moeten vechten voor iedere cent schadevergoeding. En onze leefomgeving staat zwaar onder druk.

De overheid, lokaal, provinciaal en nationaal, luistert slecht en komt met flutoplossingen en extraatjes die nergens op slaan. Veiligheid en rechtvaardigheid – dáár gaat het om. Niet meer, en niet minder.

Het onrecht vreet aan de inwoners van de prachtige provincie Groningen. Zoals de nieuwe Commissaris der Koning René Paas onlangs in een interview op BNR Radio al stelde:

Groningen is behoorlijk mishandeld en dat moet worden rechtgezet.

Overheid en integriteit

Het ministerie van Economische Zaken en de Nationaal Coördinator Groningen hebben bij herhaling laten zien zich niet dienstbaar aan de burger op te stellen. Ook integriteit staat bij hen niet hoog in het vaandel.

Zo worden schrijnende gevallen door de overheid (Onafhankelijk Raadsman en burgemeesters bevingsgebied) doorgeleid naar een commissie die door de veroorzaker van de ellende (NAM) is ingesteld. Het geld voor de eventuele hulp van die Commissie Bijzondere Situaties komt dan ook van NAM. De commissie beschikt niet eens over een eigen bankrekening. En op beslissingen van de commissie heeft de overheid, in casu de NCG, blijkbaar geen enkele invloed.

Maar zelfs als de NCG wél invloed heeft, maakt dit instituut vreemde keuzes. Zo werd recent bekend dat enkele casemanagers die tot eind 2015 namens NAM het leven van ‘complexe gevallen’ zuur maakten, per 1 januari 2016 door NCG zijn ingehuurd om diezelfde complexe gevallen nu vanuit de overheid te ‘begeleiden’.

In feite is het publiek-private gasgebouw niet afgebroken, maar uitgebreid met een Loket Burgerpraatjes. En achter dat loket zitten de oude vertrouwde stakeholders de Groningers op de oude vertrouwde manier te zieken.

Een paar tips voor de overheid

Vele duizenden mensen staan met de rug tegen de muur. Zelf denk ik dat alleen de juridische weg nog soelaas kan bieden. En daarom moet er geld beschikbaar worden gesteld om rechtszaken te kunnen voeren. Geld dat het Rijk en de provincie wél in kas hebben, maar de vrijwel kaalgeplukte Groningers niet.

Tip 1 is dus: trek die portemonnee, en wel nú. Niet over tien jaar. Er gaan nú mensen kapot, er zijn nú concrete stappen nodig om af te dwingen dat situaties op fatsoenlijke en voor iedereen gelijke wijze worden opgelost.

Bij de afwikkeling van problemen laat overheidsinstantie NCG keer op keer steken vallen. Met de juiste (integere) mensen aan het roer kan dat misschien voorkomen worden.

Tip 2 is dus: trek integere mensen aan. Wees niet bang om reeds aangestelde mensen de laan uit te sturen als blijkt dat zij niet vanuit burgerperspectief redeneren, maar vanuit de belangen van Shell, Exxon en het Rijk. Zoek naar mensen met hoofd én hart. Die zijn er. Heus.

En tip 3 is er een in de categorie ‘kansloos’, maar ik noem hem toch:

Ontneem Shell en Exxon de concessie. Nú. Niet over tien jaar. Want veilig gaswinnen kan niet in Groningen. Het experiment moet stoppen.

* Hier een interessant artikel over het hand-aan-de-kraan-principe oftwel ‘traffic light approach’ zoals toegepast in Oklahoma, waar ook veel geïnduceerde bevingen plaatsvinden. Let op de genoemde magnitudes – die zijn veel te hoog voor de situatie in Groningen! Bovendien stoppen bevingen en bodemdaling echt niet direct nadat gaswinning is stilgelegd.

Opdringerige, onhebberige mensen*

kafkaU heeft lang niet van me gehoord (en dat terwijl sommigen van u herhaaldelijk om een nieuw stuk vroegen – kennelijk voegt het iets toe, wat ik op dit hoekje van internet doe).

Mijn ‘stilte’ had redenen.

De belangrijkste reden is deze: een mens kan maar een bepaalde mate van samenloop van ongunstige omstandigheden verdragen. Gaat er langere tijd op veel fronten iets mis, dan kan zelfs iemand met jarenlange ervaring in het relativeren van de dingen des levens, daar aan onderdoor gaan.

Om dat te voorkomen, moest ik even pas op de plaats maken.

Helaas is de bezinning deels weer tenietgedaan door de gebeurtenissen van de afgelopen weken. Ik zal proberen er genoeg humor in te stoppen om het verteerbaar te maken. (Humor verkóópt, al weet ik niet wat ik zou willen verkopen. Ja, een optater, aan de meelezende bestuurlijke bobo’s en NAM-directeuren. Maar dat terzijde.)

Gezelligheid kent geen tijd

Op zondag 16 augustus toog ik naar Zeerijp, waar op de openbare weg bij de boorlocatie een bijeenkomst was georganiseerd om de beving bij Huizinge te herdenken.

Ik was van plan een uurtje of wat bij te kletsen met andere gedupeerden, en dan huiswaarts te keren om de zomervakantie samen met mijn gezin in alle rust af te sluiten. Het liep anders: een beveiliger reed een medegedupeerde aan.

Omdat er een en ander moest worden geregeld voor het slachtoffer (familie inlichten, ziekenhuis) was ik al met al pas ’s avonds laat weer thuis.

Ik was doodmoe, Twitter en Facebook explodeerden van terechte verontwaardiging, onze kinderen lagen al op bed (dus geen gezamenlijke afsluiting), en de volgende dag moest ik vroeg op, want school zou weer beginnen.

Leuk is anders. (Leuk was op die dag al drie volle jaren anders.)

Wie zullen we nu weer eens bellen?

Afgelopen zomer hebben we veel geluisterd naar podcasts van oude uitzendingen van Ronflonflon (weergaloos goede VPRO-radioproductie uit de jaren tachtig, met Wim T. Schippers).

Terwijl ik aan het begin van het nieuwe schooljaar bij EZ, provincie Groningen en gemeente Delfzijl informeerde wanneer er nou eens antwoord kwam op onze klacht over de Commissie Bijzondere Situaties d.d. 11 juni 2015, moest ik in eerste instantie denken aan de absurdistische sketches uit Schippers’ programma. In tweede (en derde, en vierde) instantie dacht ik enkel nog aan Kafka.

Een en ander staat in dit online krantenartikel beschreven.

Er werden niet alleen bestuurswettelijke termijnen overschreden en verbindingen verbroken omdat ik zou schelden (quod non), er werd ook ambtelijk geklaagd over ‘complexe materie’, en er werd moederlijk met me meegedacht (“Natuurlijk wilt u zich veilig kunnen voelen in uw eigen huis”).

Dit alles zonder dat daar een CONCLUSIE of RESULTAAT aan werd verbonden.

Al met al was het een potje verantwoordelijkheid afschuiven waar ik niet goed van werd.

Tel daar eens bij op dat de Commissie ons eind vorige week per brief eraan herinnerde dat het dossier woensdag 26 augustus 2015 (morgen dus) gesloten zou worden als wij niet akkoord gingen met het aanbod.

Da’s geen onschuldig spelletje Kafka meer. Da’s openlijk treiteren.

Een handjevol individuen, door overheidsinstanties gevraagd om een bestuurlijke regeling uit te voeren, sluit een dossier, eenzijdig, zonder hoor en wederhoor te hebben toegepast, terwijl er een officiële klacht loopt bij diezelfde overheidsinstanties.

En het dossier blijft alleen open als wij in onze wanhoop met dat idiote voorstel akkoord gaan. (Durf ik het te zeggen? Ja, ik durf het te zeggen: dat zou CHANTAGE zijn.)

Zoals alle brieven die wij van de Commissie krijgen, was de opsteller ervan dhr. Benus. Hij hangt in zijn vrije tijd de secretaris uit bij die Commissie, maar verder doet hij iets betaalds bij de GGD. Daarom heb ik hem telefonisch bij de GGD proberen te bereiken.

Dat WIL ik overigens helemaal niet (de GGD bellen). Met die hele GGD heb ik niks te maken. Ik wil de mensen spreken die verantwoordelijk zijn voor de regeling schrijnende gevallen. Ik wil dat ze me persoonlijk uitleggen waarom échte hulp in ons geval niet geboden wordt, en in andere gevallen wél. (Ik spreek wel eens iemand…)

Ook wil ik weten wat nu de status is van die schimmige Commissie. Ruim een jaar na het instellen van deze ‘tijdelijke oplossing’ zitten daar nog altijd dezelfde poppetjes in. Hebben ze nou al eens een rechtspositie? Is er een toezichthouder? Waarom is die Commissie voor de provincie volgens zeggen ‘een groot zwart gat’? Bij wie kunnen Groningers terecht als ze er met die Commissie niet uit komen?

(En zeg nou niet: bij de Onafhankelijk Raadsman, want die is adviserend lid van die Commissie. En zeg ook niet: bij Hans Alders, want die kent Jos Aartsen, prominent lid van de Commissie én bestuursvoorzitter UMCG, nog uit zijn tijd als voorzitter Raad van Toezicht UMCG – en met ouwe-jongens-krentenbrood zijn we in Groningen niet geholpen.)

Het zou allemaal niet zo erg zijn, als je die Commissie maar links kon laten liggen. Helaas is het de énige bestuurlijke regeling waar Groningers terecht kunnen als ze het allemaal niet meer kunt bolwerken: ziekte, werkloosheid, echtscheiding, een kapot huis dat niemand koopt voor een fatsoenlijke prijs, de dreiging van zwaardere bevingen, geïnstitutionaliseerde terreur in landsbelang.

Enfin, dhr. Benus bleek op vakantie, en wat de telefoniste van de GGD ook probeerde, ze kreeg niemand “van zijn afdeling” te pakken.

Ik stuurde daarom een mail naar maar liefst DRIE verschillende e-mailadressen. Enkele dagen later ontving ik, voor het eerst dit jaar, zowaar de gevraagde ontvangstbevestiging via een van die adressen (overigens niet het mailadres dat onderaan de brief stond, en waarvandaan ik al eens een foutmelding heb ontvangen).

Of daarmee de kous af is, en dat dossier dus open blijft: ik heb geen idee.

Zelfs de contactpersoon van de Nationale Ombudsman, aan wie ik na wat soebatten en Twitteren alles rondom de klacht heb mogen sturen, merkte op dat die laatste brief van de Commissie ‘wel érg bijzonder’ is.

Binnenkort ook bij u in het theater

Eens zien, wat heb ik verder nog voor grappigs meegemaakt?

Oh ja, op 19 augustus woonde ik met enkele medegedupeerden de theatervoorstelling van de Nationaal Coördinator Groningen in het Provinciehuis bij.

We vonden het een zeer meeslepende voorstelling (wat kan die Hans Alders goed acteren zeg, die heeft echt zijn roeping gemist). We leefden ons helemaal in, met een lach, een kuch, zo af en toe een uitroep.

Ik heb zelf die middag naar voren gebracht dat burgers die bij de Nationale Ombudsman klagen over de bestuurlijke spaghetti rondom de gaswinning, daar in eerste instantie te horen krijgen dat ze met die klacht naar dhr. Alders moeten gaan. Naar een acteur! Dat kán toch niet, in een rechtsstaat?

Het leek me dat de andere bezoekers van het theater dat wel een nuttige inhoudelijke aanvulling op het stuk zouden vinden. Want hoewel vermakelijk, dreigde het geheel na verloop van tijd te verzanden in abstracties over “objecten” uit de “bestaande voorraad” die moeten worden getoetst aan de “witte versie van de NPR” (of was het nu de groene versie?), en semantisch geneuzel over het woordje “slechts”.

(Tip voor de acteurs: pas als jullie de tekst he-le-maal uitonderhandeld hebben met de regisseur, beginnen aan de opvoering. Niet op het toneel nog kissebissen over woordjes, dat staat niet professioneel.)

Jammer genoeg werd onze belangstellende participatie niet op prijs gesteld. Toen het publiek op de eerste rang (of waren dat ook acteurs?) ons “te rumoerig” vond, werden we prompt van de publieke tribune verwijderd.

Slachtofferhulp

De laatste anekdote uit mijn turbulente leventje betreft een brief van Slachtofferhulp Nederland. Zij bleken van de politie te hebben vernomen dat ik onlangs betrokken ben geraakt bij een ingrijpende gebeurtenis.

Even dacht ik dat er een kentering had plaatsgevonden. De directie van Shell en Exxon (deel van de kleptokratische criminele organisatie die wereldwijd hele grote brokken maakt) was eindelijk opgepakt. De overheid was tot inkeer gekomen en zag in dat het dagelijks leven voor mijn man en mij, en voor vele medegedupeerden, los van de gaswinningsellende al één lange reeks kleine en grote crises is.

Iemand had gesnapt dat de dagdagelijkse kleine en grote crises extra op scherp worden gezet door het feit dat veiligheid en zekerheid ons in Groningen in landsbelang zijn ontnomen.

Ja, ik dagdroomde werkelijk dat Slachtofferhulp ons met eindeloos veel liefde en geduld zou bijstaan om ons recht te halen.

Kosteloze hulp, stond er immers in de brief, en voor mijn geestesoog zag ik al een dik rapport van een onafhankelijke bouwkundige verschijnen, waarin exact stond vermeld hoe het met de fundering en constructie van ons huis is gesteld. (Dat is de Heilige Graal voor veel Groningers die in gevecht met de NAM verwikkeld zijn.)

Op praktisch gebied, zo beloofde Slachtofferhulp, konden ze ons helpen met het invullen van formulieren van externe instanties.

Handig, mijmerde ik, want hoewel mijn man en ik ons best doen om het hoofd boven water te houden, komt er een tijd dat het geld óp is, en dan is het wel fijn om te weten dat er iemand is die voor ons de bijstandsformulieren wil invullen.

Dat kunnen wij zelf namelijk niet. Wij zijn daar nooit mee in aanraking gekomen, wij hebben geen verstand van dat soort zaken. Wij hebben sowieso geen verstand.

Als we dat wél hadden, was dit alles niet gebeurd. Dan zaten we niet muurvast in een beschadigd, onverkoopbaar huis in het economisch zwakste deel van de BV Nederland. Dan hadden wij óók ‘maatschappelijke relevantie’.

En toen sloegen zomaar eventjes de stoppen door, en tot grote schrik van de poes rolde er een woedende tirade uit mijn mond:

“Dat is toch wat jullie willen horen, bestuurlijke bobo’s en NAM-directeuren – dat het ONZE SCHULD is? Dat het instorten van het kaartenhuis niet komt door falend overheidstoezicht en buitenproportionele invloed van multinationals op datgene wat in dit achterlijke land doorgaat voor ‘visie’, maar door ons, de miertjes van mensen die toevallig bovenop het Groningenveld leven? Dat alles wat hier gebeurt ‘eigen schuld, dikke bult’ is. Toch? Toch?”

Pas later, toen de poes weer gekalmeerd was (en ik ook), begreep ik de werkelijke reden waarom Slachtofferhulp contact had gezocht:

Ik was getuige geweest van de aanrijding bij Zeerijp.

Zucht.

Ik geef toe, dat was een ingrijpende gebeurtenis. Al twijfel ik wat ik erger vind, de beveiliger die een dot gas gaf, of de politie die deze zaak steevast duidt als een ‘verkeersongeluk’.

 

* “Opdringerige, onhebberige mensen” is een van de vele wanhoopskreten van de getergde hoofdpersoon K. in “Het Proces”, van Franz Kafka. Volgens een ambtenaar van EZ / Overheidsdienst Groningen is dit boek ‘standaardkost voor ambtenaren – want zo moet het niet’. Waarvan akte.