Ik zie geen andere uitweg. U wel?

Elspeetse heide
Elspeetse heide

Op 7 mei twitterde ik, vanaf het vakantieadres waar mijn gezin tot rust probeerde te komen, en waar ik werkte, want als zelfstandige kan ik me geen pauze veroorloven:

“Ik heb vanavond op de Elspeetse heide gehuild. Wilde niet terug naar mijn kapotte huis, de bevingen, de risico’s, het gezeik, het vechten.”

Dat werd grif geretweet. De emoties werden duidelijk herkend door medegedupeerden en sympathisanten.

Helaas zijn dat niet de mensen die ons leven weer van het slot kunnen halen. Nee, daarvoor ben ik aangewezen op NAM en de Commissie Bijzondere Situaties. Over die laatste schreef ik al eens een vrij ontluisterend stuk.

We hebben door MIJN TOMELOZE INZET (*steekt veer in eigen reet*) eindelijk officieel erkende schade aan ons huis en zijn ook eindelijk erkend als “schrijnend geval”. Hoera!

Maar… de Commissie zou de Commissie niet zijn zonder nog meer ontluisterende feiten. Luistert en huivert.

Na de werkvakantie viel de brief met hun eerste besluit inzake ons ‘dossier’ me rauw op mijn dak.

Het besluit komt er kort gezegd op neer dat we toch ons onverkoopbare huis moeten zien te verkopen. In dat geval kunnen we maximaal EUR 30.000 aan compensatie tegemoet zien.

Door deze toezegging beschikt u over meer handelingsruimte bij het in de markt zetten van uw woning.

Hallo? Wat hebben wij het afgelopen jaar tot vervelens toe aan onze casemanager en ook aan de secretaris van die commissie uitgelegd? Het LUKT niet om het huis te verkopen voor een fatsoenlijke prijs. Er is in de periode 2011-2015 één bod geweest. Dat was vorig jaar zomer, toen we de vraagprijs in blinde paniek extreem hadden verlaagd naar EUR 135.000. (Het bod bedroeg EUR 105.000 – “take it or leave it”. Zo leert men de medemens kennen.)

Die prijsverlaging werd ingegeven door het feit dat ik doodziek werd van een zware, op mijn lichaam én geest inwerkende bromtoon van  productielocatie Bierum (aan de Uiteinderweg bij de zeedijk). Deze is eind 2013 opgeschaald, en sindsdien hoorden en voelden we af en aan die ziekmakende bromtoon. In de zomer was het er continu, zó erg dat ik er hartritmestoornissen, diarree, concentratiestoornissen, misselijkheid en weet ik wat allemaal van kreeg.

We trokken aan de bel bij alle instanties, tot de pers aan toe. NAM heeft er uiteindelijk na maanden iets aan gedaan, al weet ik niet wat. De trillingen en de druk op de oren is teruggebracht tot dragelijke proporties. Op sommige dagen word ik er nog wel misselijk van. Ik ben dan altijd benauwd dat het weer in volle sterkte terugkeert, en ik opnieuw omval.

Ziet u, als ik omval, valt mijn hele gezin om. Ik ben de werkezel van onze viereenheid. Dat is niet vrijwillig, net zomin als de problemen die mijn man ondervindt bij het genereren van voldoende eigen inkomen vrijwillig zijn.

Wat we óók uitvoerig aan de casemanager en de secretaris van de commissie hebben uitgelegd, is dat mijn mans immuunsysteem blijvend is aangetast door de ziekte van Lyme. Hoewel de bacterie inmiddels uit zijn lijf is verdwenen, blijft onder meer stress voor hem een ziekmakende factor van jewelste.

En wat krijg je als je huis steeds verder beschadigt, het niet lukt om het te verkopen voor een fatsoenlijke prijs, je drastisch inteert op je vermogen, je aan alle kanten tevergeefs om hulp vraagt, en je uit grote bezorgdheid alle informatie tot je neemt over de grote risico’s van gaswinning in Groningen, zoals beschreven door onder meer experts van NAM, TNO, KNMI en SodM?

Juist: stress. Megaveel stress.

Enfin, vandaag hebben we een dikke brief opgesteld en per mail (en in geval van de commissie ook per post) verstuurd naar iedereen die zich met de gaswinning in Groningen bemoeit.

In deze brief heb ik drie situaties geschetst. Hier volgen ze, in het kort:

Situatie vóór 16 augustus 2012

  • goed onderhouden en vrijwel onbeschadigd vrijstaand huis met 185 m2 woonoppervlak, op kavel van ca. 550 m2, met 40 m2 grote werkplaats, duurzaam gerenoveerd in periode 1999-2010, te koop sinds zomer 2011, vraagprijs EUR 225.000, herbouwwaarde EUR 350.000
  • hypotheek van 112.000 EUR (De gehele renovatie hebben we ZELF, door spaarzaam te leven, gefinancierd. Uw NM was verdikkeme het braafste burgertje van Nederland!!!)
  • gezien inkomenssituatie op dat moment voldoende mogelijkheid om kleine hypotheek mee te nemen naar nieuwe woning
  • geld opzijgezet voor kosten verhuizing en basisinrichting nieuwe woning

Situatie bij GEBODEN compensatie

  • beschadigd huis in bevingsgebied, na vier jaar zonder enig fatsoenlijk bod, op miraculeuze wijze alsnog verkopen voor ergens tussen de 0 en 135.000 EUR (er wordt gecompenseerd tot aan dit bedrag, zijnde het laagste verkoopbedrag, zie uitleg boven)
  • bijdrage van maximaal EUR 30.000 van Commissie / NAM (dit is inclusief de uitkomst van een beroep op de Waarderegeling)
  • hypotheek van EUR 112.000 aflossen
  • resteert een compensatie van maximaal EUR 23.000 (135.000-112.000)
  • gezien veranderde inkomenspositie als gevolg van aanhoudende stress door gaswinningsproblematiek geen mogelijkheid kleine hypotheek mee te nemen

Kortom, bij de GEBODEN compensatie staan we met lege handen. Sociale woningbouw kunnen we op korte termijn wel vergeten vanwege de lange wachttijden, dus dat wordt huren in de vrije sector. De ideale oplossing voor mensen met weinig geld en veel stress, toch? En wat geeft het dat mijn man zijn werkplaats (= zijn werkkapitaal, én zijn laatste houvast) moet opgeven? De wereld is maakbaar, dus hij ook!

Situatie bij ECHTE compensatie

  • NAM neemt ons huis over
  • wij zoeken een vergelijkbare woning, maar dan op een plek zonder de risico’s van de gaswinning
  • NAM koopt die vergelijkbare woning aan, en zet deze op onze naam
  • NAM geeft een garantiestelling aan onze hypotheekverstrekker, opdat wij de lage hypotheek mee kunnen nemen, ter verpanding aan de vergelijkbare woning
  • verhuiskosten en basis inrichtingskosten worden vergoed

Verder leek het ons ter compensatie van de inkomstenderving redelijk dat we gedurende het overgangsjaar wat leefgeld ontvangen, zodat we rustig kunnen opstarten op de nieuwe locatie.

Want ging onze voorkeur in 2011 nog uit naar een huis dicht bij de stad Groningen, dat is door alles wat wij te weten zijn gekomen over de Groningse gaswinning veranderd. Daarnaast hebben we er sinds een jaar mantelzorgtaken bij, die mede onze voorkeur voor een geheel andere omgeving bepalen.

Dit alles tot groot verdriet van onze nogal gevoelige zoon, die zijn onwijs leuke middelbare school in de stad Groningen niet wil missen. Het zou maar zo kunnen dat hij halverwege het schooljaar ‘getransplanteerd’ moet worden. Iedereen die een puberzoon heeft, weet hoe dramatisch dat kan verlopen voor schoolvriendschappen enzovoorts. (Hetzelfde geldt voor onze misschien nog wel gevoeligere dochter, maar die pubert nog niet. We hopen dat dat iets zal schelen…)

Of al dat geschreeuw helpt?

Dit alles en nog veel meer hebben we in onze brief aan de Commissie en vele andere ‘stakeholders’ geschreven. (Sorry Jan Vos, toch weer vervelende post van een complex geval. Het houdt pas op als we echt goed geholpen worden, snap je?)

We beëindigden onze brief als volgt:

Vinden wij het leuk om zo openlijk met onze problemen te moeten ‘leuren’? Nee, ABSOLUUT NIET. Maar uw afstotende, bureaucratische en weinig inlevende gedrag laat ons geen andere keus.

Het is NIET onze schuld dat ons huis beschadigd en onverkoopbaar is. Het is NIET onze schuld dat we met zoveel stress door het leven moeten gaan en daardoor zo in inkomen achteruit gaan. Het is NIET onze schuld dat de situatie van vóór augustus 2012 nooit meer terug zal komen.

Kom met een ECHTE oplossing, niet met dit in- en intrieste geneuzel om geld. Alleen al op productielocatie Bierum aan de Uiteinderweg wordt PER DAG een veelvoud verdiend van wat wij van u verwachten als faire compensatie.

Of het helpt? Ik weet het niet. NAM heeft de aandacht elders, zo lijkt. Bij de gedaalde olie- en gasprijzen soms? In ieder geval niet bij adequate hulp aan gedupeerden. Zo zitten Jan en Liefke Munneke ook al weer twee jaar in de shit met hun gestutte boerderij. Die willen ze hersteld hebben, maar zelfs over vergoeding van de reparatie van hun kapotte intercom doet NAM moeilijk.

Wat ik wel weet, is dat ik hier erg moe en verdrietig van word. We wilden gewoon ons met liefde opgeknapte huis voor een fatsoenlijke prijs verkopen aan mensen die er net zoveel plezier van zouden beleven als wij. Dat zou ons in staat stellen ons leven voort te zetten op een andere plek, die beter bij onze veranderde situatie past.

In plaats daarvan zitten we vast in een beschadigd en onverkoopbaar huis in cluster Oost, vlakbij de grootste productielocatie van het Groningenveld.

En al de eerste nacht na thuiskomst van de broodnodige ‘break’ heb ik slecht geslapen. Want ik mag er dan zo pittig en openlijk over kunnen vertellen – van binnen huil ik nog net zo hard als op die avond op de Elspeetse heide.

In alles, en dan bedoel ik echt álles, toont de BV Nederland zich bij de afhandeling van de problemen in Groningen op z’n smalst. Het is moeilijk om daar getuige van te zijn, en nog moeilijker om erover te schrijven.

Maar ik zie geen andere uitweg. U wel?

Hopen en verwachten, maar niet luisteren

mobiel-tankenparkOp de dag dat in de pers breed werd uitgemeten dat niet 30.000, niet 90.000 maar 152.000 woningen en flats in het gaswingebied (70% van het totaal) ingrijpend moeten worden verstevigd om instorten bij zware bevingen te voorkomen, gebeurden er dingen en werden er uitspraken gedaan die feilloos aantonen hoe weinig lokale bestuurders kunnen of durven inbrengen tegen het geweld van EZ, Shell en Exxon, en hoe groot de afstand tot de burger is.

Hopen en verwachten

Allereerst verklaarde PvdA-gedeputeerde William Moorlag met een verbeten gezicht dat het ministerie van Economische Zaken en de NAM hopen en verwachten dat het KNMI de krachten van de aardbevingen op een laag niveau kan gaan vaststellen – zodat mogelijk nog maar de helft van het genoemde aantal woningen verstevigd hoeft te worden.

Van Moorlag, die uit het bevingsgebied komt, wil ik nog wel geloven dat hij die hoop vooral koestert omdat hij Groningen een warm hart toedraagt. (Niet dat hem daarmee zijn klunzige opmerking vergeven is. Verre van zelfs.)

Maar zijn partijgenoot Dick Benschop, die na ruim 16 jaar fulltime piketdienst in Den Haag het pluche verruilde voor een leuke functie bij Shell, heeft 7,5 miljard klinkende redenen om een andere uitkomst te verwachten.

Dat zit zo.

Shell is aansprakelijk voor de helft van de schade. De andere helft neemt Exxon voor zijn rekening.

De kosten voor het aanpakken van 152.000 woningen en zo’n 18.000 andere gebouwen worden geschat op 30 miljard euro. Dat bedrag komt ten laste van Shell en Exxon.

Deze multinationals kunnen het geld makkelijk missen, gezien het feit dat ze in 2014 respectievelijk 15 miljard en 32,5 miljard dollar winst hebben gerealiseerd.

Maar waarom zouden ze? Wie dwingt hen? Vanaf het prilste begin hebben ze innige banden aangeknoopt met politiek, kennisinstituten en overheidsinstanties. Eén zo’n vergaderingetje van de Maatschap Groningen en de norm voor bestaande bouw, die op dit moment in de concept-NPR de helft bedraagt van de norm voor nieuwbouw, wordt nóg eens gehalveerd.

En dan zijn Shell en Exxon voor zo’n 7,5 miljard euro per bedrijf klaar. Scheelt toch weer een slok op een borrel. Terwijl de Nationale Coördinator Groningen (PvdA-er Hans Alders wordt genoemd), geholpen door de bepalingen in de Crisis- en Herstelwet, de bezem door het Groningse woningbestand haalt, pompen onze Dick en onze Joost de resterende 600 miljard kubieke meter gas uit de grond.

Niks koers verleggen

Aan het begin van de middag volgde het bericht dat de Vennenflat, waarover ik al eerder schreef, een kolos uit de vorige periode van wederopbouw, in de aanloop naar de geplande sloop in 2019 óók verstevigd gaat worden.

Aan wie hebben we deze krankzinnigheid nou weer te danken?

Tot 1 juli aanstaande wordt Delfzijl bestuurd door PvdA-er Emme Groot. (Enkele dagen geleden hoorden we dat ook deze burgemeester ermee ophoudt. Eerder dit jaar stapte Eduard van Zuijlen van de gemeente Menterwolde al op.)

Onze Emme is geboren en getogen in Delfzijl. Hij praat altijd met passie over de havenplaats, heeft hier echt iets willen neerzetten.

Om die reden denk ik dat hij de laatste jaren vele malen met zijn vuist op tafel heeft geslagen. Hij MOET een keer door het lint zijn gegaan, zo niet aan de Dialoogtafel, dan toch in een één-op-ééntje met Henk Kamp.

Stond *ik* in Emmes schoenen, dan had ik het ouwejongens-krentenbrood in de vuilnisbak gegooid en geroepen:

“Zeg, lullo, we liggen echt niet meer op koers hoor. Die Vennenflat moet zo gauw mogelijk gesloopt, ’t is veel te gevaarlijk. Vervelend voor de bewoners en bedrijven, maar liever het ongemak van een snelle verhuizing dan de impact van versteviging, gevolgd door sloop. In dit geval gaan zowel veiligheid als kosten voor de baat uit. De beuk erin!”

Wie weet hééft onze Emme wel iets van die strekking gezegd. Misschien wel meerdere keren. Maar versneld slopen betekent dat er nog meer ‘maatschappelijke onrust’ ontstaat. Het betekent ook dat de gemeente Delfzijl moet toegeven dat het niks wordt met dat hele Koers2022.

Zou onze Emme daarom opstappen? Staat hij iedere avond in de armen van zijn vrouw te huilen, uit verdriet om wat zijn geliefde Delfzijl wordt aangedaan, of uit frustratie, omdat hij zijn nalatenschap, zijn bestuurlijke plannen ziet mislukken? Of allebei een beetje?

Pak de bezorgde burger maar op

Het derde bericht dat mij bereikte op deze spannende dag was dat Bram Reinders, bezorgde inwoner van Delfzijl, voor het NAM-tankenpark met aardgascondensaat in Farmsum was aangehouden.

Die tanks staan op een paar honderd meter van het appartementencomplex waar Bram met zijn vrouw woont. Hun appartement is beschadigd door de bevingen. En sinds de beving van 1,0 recht onder het tankenpark hebben ze er grote zorgen bij.

Want de tanks zijn helemaal niet gebouwd op de gevolgen van de gaswinning zoals die zich nu openbaren. Hoe groot de risico’s zijn, is niet precies bekend, althans, niet bij Bram en andere bezorgde burgers, en mogelijk ook niet bij onze Emme.

De NAM is wel héél voorzichtig met die tanks. Want na een beving van 2,3 op 25 februari j.l. in de buurt van Appingedam reden er opeens veel meer vrachtwagens dan normaal af en aan, onder politiebegeleiding. Ook wemelde het terrein van de mannetjes die metingen verrichten aan de tanks.

Op die dag toog Bram naar het gemeentehuis, en ik ben hem met enkele andere bezorgde inwoners van Delfzijl te hulp geschoten. We overvielen Emme – hij had weinig tijd. Zijn ‘bevingsambtenaar’ heeft ons nog wel een tijd aangehoord.

Afgesproken werd dat we contact zouden houden. Maar in de weken daarop reageerde onze Emme zó ontwijkend op allerlei vragen, dat de meesten van ons al geen zin meer hadden in een ‘constructief gesprek’.

Persoonlijk schoot het me ook nog eens in het verkeerde keelgat dat er op mijn berichten inzake de streken van de Commissie Bijzondere Situaties niet werd gereageerd. Niet. Als in: niks, noppes, nada.

Enfin, vandaag had Bram er genoeg van. Bij de Raad van State had hij rechter Drupsteen al horen zeggen dat de NAM z’n zaakjes niet goed op orde heeft. De NAM gaf toen toe dat er wel degelijk aandachtspunten zijn in verband met de veiligheid van het tankenpark.

En onlangs was het tankenpark drie hele dagen dicht voor groot onderhoud.

Maar tekst en uitleg geven over de risico’s, dát doet de NAM dus niet. En onze Emme ook niet.

Ik heb wel wat anders te doen

Zodra ik hoorde dat Bram was opgepakt, ben ik naar Delfzijl gereden om te kijken of ik wat voor hem kon doen. Toen ik het politiebureau uit stapte, zag ik recht tegenover me, bij de deuren van de raadzaal, onze Emme staan. Recht van lijf en leden, met ernstige stem, stond hij een verslaggeefster van de NOS te woord.

Ik liep erheen en ging erbij staan. Na afloop van het interview (dat over de Vennenflat en de NPR-norm ging) ontvouwde zich het volgende gesprek:

Ik: “Mijnheer Groot, ik wil u óók iets vragen. Wist u dat Bram Reinders is opgepakt?”

EG: “Nee, dat wist ik niet. Dat is een zaak van de politie.”

Ik: “Maar u bent hoofd van de politie. En u wéét hoe die man eraan toe is, welke zorgen hij heeft. Hoe staat het met de risico-analyse van het tankenpark?”

(Verslaggeefster vertrekt. EG draait zich om naar de raadzaal, klopt op de deur.)

Ik: “Geeft u mij geen antwoord?”

EG (draait naar rechts, kijkt me kort aan, begint te lopen): “U zou toch nog langs komen?”

Ik: “Ja, maar daar had ik geen zin meer in. Want ik heb u mails gestuurd. En u heeft ze ontvangen en geopend, ik wéét dat u ze heeft geopend. Maar u antwoordt niet eens.”

EG (loopt door, kijkt niet op of om): “Ik heb wel wat anders te doen.”

Ik (volg als een hondje, de irritatie zelve): “Ja, loopt u maar weg. Waarom reageert u niet?”

EG (buigt het hoofd, loopt dóór): “Ik heb wel wat anders te doen.”

Ik (schreeuwend, woedend nu): “Na 1 juli bent *u* hier weg. Maar wij zitten hier nog. Zonder risico-analyse! Bedankt, namens de burgers van Delfzijl!”

Verstandige beslissingen

Ondertussen blijkt Henk Kamp een bliksembezoek te hebben gebracht aan Groningen. Willem Groeneveld van Sikkom was iets te kritisch en kreeg prompt orders van de politie om op 100 meter afstand van de minister te blijven.

En de VVD-er zelf, stoïcijns als altijd, gooide er weer een paar maffe soundbites uit, die in Kor Dwarshuis’ Kamp Talk Radio niet zouden misstaan:

We moeten zorgen dat we verstandige beslissingen nemen met betrekking tot de omvang van de gaswinning en de manier waarop we gas winnen. Daarnaast moeten we die dingen doen, die nodig zijn om de huizen te versterken en om te zorgen dat de bewoners worden gecompenseerd voor alle overlast die ze ondervinden.

Ruim 2,5 jaar na de beving bij Huizinge, vele gasdebatten en een vernietigend rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid later, terwijl de bestuurlijke chaos zijn tol eist en de ene na de andere burgemeester opstapt, heeft de baas van mini-staat EZ het droogjes over ‘verstandige beslissingen’.

Werkelijk alles wat in wingewest Groningen bedisseld wordt, van het regenteske herenakkoord met de spiegeltjes en kraaltjes, de tandeloze Dialoogtafel en de onder-curatele-stelling van Groningen middels de Crisis- en Herstelwet tot aan de Nationaal Coördinator Groningen stinkt.

Het riekt naar ONMACHT van de kant van lokale en regionale bestuurders, en ONWIL van de kant van EZ, Shell en Exxon.

Wat nou burgerperspectief?

De Onderzoeksraad voor Veiligheid heeft bij het rapport een paar algemene aanbevelingen gegeven. Het kabinet heeft braaf beloofd om ze op te volgen.

Een van die aanbevelingen luidde:

Zorg dat het burgerperspectief structureel en herkenbaar meegenomen wordt in de besluitvorming door provincie en gemeenten een rol te geven.

Hoe een en ander precies moest worden vormgegeven, vertelde de Onderzoeksraad er niet bij. Dat werd blijkbaar, zoals dat zo leuk heet in bobotaal, ‘aan het speelveld overgelaten’.

Ik ben een flexibel persoon. Van veel zaken in het leven, ja van het leven zélf kan ik zowel voorkant als achterkant zien en waarderen.

Maar zoals het spelletje vandaag gespeeld werd, gaat mij te ver. En dan staan we, vermoed ik, nog maar aan het begin…

PS Bram is weer thuis. Zijn actie werd overgenomen door anderen.

Het is lastig varen op steeds woeliger baren

Vennen-blog
Koers2022 op de te slopen Vennenflat, geflankeerd door Shell.
Foto door Bram Reinders.

De gemeente Delfzijl (hierna te noemen: de rederij) houdt graag het maritieme karakter van de havenplaats hoog in het vaandel, en heeft daarom een koers naar het jaar 2022 uitgestippeld. De bijbehorende missie is als volgt verwoord:

Sinds enkele jaren is Delfzijl de snelst krimpende gemeente van Nederland, maar dat mag niet leiden tot leegstand en achteruitgang of verloedering maar moet juist uitdagen om met minder mensen beter te wonen, werken en recreëren.

Een nieuw tijdperk, een nieuwe vloot

Begin jaren zestig sloot het concern waar de rederij deel van uitmaakt een lucratief contract met enkele in nevelen gehulde figuren (hierna te noemen: de NAM). Een paar jaar later verkondigde de rederij de blijde boodschap dat het aantal passagiers in Delfzijl en aanpalende zompen dankzij de vestiging van allerhande (zware) industrie zou toenemen tot 100.000 in het jaar 2000.

In die periode verrees onder meer de hierboven afgebeelde Vennenflat. Een tien verdiepingen tellend monument voor vernieuwingsdrang, lelijk in al zijn windbrekende kracht.

Om allerlei redenen was de bezettingsgraad van de vloot niet optimaal. In het jaar 2000 telde Delfzijl nog niet eens één-derde van de gedroomde 100.000 passagiers. Sindsdien loopt het aantal gestaag terug.

Aanleiding voor de rederij om een heel nieuw blik subsidies open te trekken, dit keer niet om het tij te keren, maar om het in het niet te doen vallen tegen de achtergrond van een felblauwe hemel en zachtgeel zonnetje. Op de voorgrond denke men er zelf een mollig kindje in matrozenpakje bij, emmertje en schepje in de hand.

De boodschap is duidelijk: ook eb biedt kansen, al vaart het een stuk lastiger!

De oude vloot is aan vervanging toe

In haar afstudeerscriptie ‘Naar een aardbevingsbestendig sloopbeleid’ betoogt Michelle Hu, studente Aarde en Economie aan de VU, dat een sloopscenario waarbij 10% vaker aardbevingen per jaar plaatsvinden en slechts 50% van de woningen wordt teruggebouwd het meest gunstig is, zowel voor de NAM als voor woningcorporaties.

In het kader van Koers2022 werd in 2012 een actieplan opgesteld, en ja hoor, de Vennenflat moest eraan geloven. Vervelend was wel dat bewoners het eerste bericht over de sloop van de flat moesten vernemen via de pers. Wat communicatie betreft kan de rederij nog wel een tandje bij zetten.

Inmiddels is er een datum geprikt: in 2019 is het zover.

Stel nou dat zich vóór die tijd een geïnduceerde beving met een flinke grondversnelling voordoet, precies onder de Vennenflat.

Hoe gunstig zou dát sloopscenario zijn voor de NAM?

Omdat een dergelijke sloopactie onder het kopje “Nationale Ramp” valt, rukt ongetwijfeld het leger uit. Als Groningen dan toch wemelt van de militairen, kunnen ze gelijk even het puin afvoeren. Dat doen zij vast sneller, efficiënter en goedkoper dan een gelegenheidssyndicaat van commerciële bedrijven.

De beving scoort ongetwijfeld 4,5 of hoger op de schaal van Richter, en dus treedt de Rampenwet in werking. Dat betekent dat minister Plasterk van Binnenlandse Zaken de kosten voor de NAM kan dempen door een maximum voor de vergoeding aan gedupeerde bewoners vast te stellen.

Tot slot zullen er na deze bijzonder effectieve sloopactie vermoedelijk niet zo veel bewoners overblijven om te herhuisvesten.

U ziet: dit scenario heeft zo zijn voordelen.

(Vergeeft u me dat ik menselijk leed bij mijn nare hersenspinsels even buiten beschouwing laat. Dat doen de NAM en de Nederlandse staat met hun “pappen en nathouden”-regime tenslotte ook.)

Recht zo die gaat!

De rederij gooit het roer om: op de plek van de Vennenflat moet iets anders komen. (Wat mij betreft liefst iets wat minstens even goed de wind afvangt.)

Omdat bekend is dat er zwaardere bevingen kunnen plaatsvinden, moet daar bij de bouw natuurlijk rekening mee worden gehouden.

In Nederland is alles omtrent bouwen geregeld in Bouwbesluit 2012. Hoewel er sinds 23 april 2004 een Europese norm voor bevingsbestendig bouwen is (Eurocode 8, EN 1998), wordt over juist die norm in het bouwbesluit niks gezegd.

Wel wordt er keurig verwezen naar Eurocodes 1 t/m 7 en 9.

Gebruik van Eurocode 8 is uit hoofde van het bouwbesluit in Nederland nog niet verplicht, al mogen partijen onderling best afspreken dat ze iets bouwen conform Eurocode 8.

Dat staat haaks op het feit dat landen Eurocode 8 moeten vertalen naar een eigen nationale norm voor veiligheidsniveaus en waarden voor aardbevingsbelasting.

Duitsland en België hebben dat al gedaan. Nederland niet – minpuntje voor het braafste kapiteintje van de zeevaartschool.

Waarom eigenlijk niet?

Al tijden is de noodzaak bekend. In 2010 is het expliciet benoemd in deze paper. De auteurs maken zich hard voor het omzetten van Eurocode 8 in richtlijnen voor bevingsbestendig bouwen ten bate van onder meer Groningen, waar zich immers geïnduceerde bevingen met een kortdurende, maar pittige grondversnelling voordoen.

Twee van die auteurs, te weten mijnheer Van Eck van het KNMI en mijnheer Vrouwenvelder van de TU Delft/TNO, waren in 2011 betrokken bij een rapport over maximale schade door geïnduceerde bevingen (toegespitst op Bergermeer). Daarin wordt wél genoemd dat er in Nederland geen bouwvoorschriften zijn voor belasting van trillingen buiten een gebouw, maar over Eurocode 8 wordt niks gezegd.

In 2012, na de beving bij Huizinge, was de radiostilte niet meer houdbaar. Eindelijk werd besloten vaart te zetten achter het verwerken van de (relatief strenge) Eurocode 8 in een nationale norm.

Omdat zulks een paar jaar duurt, besloot minister Kamp in 2014 een tijdelijke Nederlandse Praktijk Richtlijn te laten ontwikkelen. Ondertussen, zo meende hij, moest men maar bouwen conform Eurocode 8. Die raad is bij mijn weten door niemand in het bevingsgebied opgevolgd.

En nu wreekt het zich dat men zo lang heeft gewacht. Gezien de ernst van de situatie moet er haast worden gemaakt met de pogingen tot bouwkundig versterken. De stuurgroep NPR (waartoe ook mijnheer Vrouwenvelder behoort) hanteert daarom voor bestaande bouw de helft van de NPR-sterkte-eis die geldt voor nieuwbouw.

Pure rechtsongelijkheid dus.

Dit alles kunt u nalezen in het rapport Impact Assessment Nederlandse Praktijk Richtlijn – Aardbevingsbestendig bouwen, dat begin februari 2015 verscheen. De beloofde tijdelijke richtlijn is nog altijd niet definitief.

Voor de bewoners van de Vennenflat is het misschien wel een bof dat hun woning wordt gesloopt. Als er geen zware beving tussendoor komt, krijgen zij straks wellicht een schip dat speciaal voor de meest woelige baren is gebouwd.

Maar voor eigenaren van een bestaande woning in Delfzijl, en voor huurders van een woning die niet op de nominatie staat om gesloopt te worden, is het zuur. Zonder dat ze erom gevraagd hebben, zijn zij veroordeeld tot een slordig opgelapte sloep.

Zij zullen het emmertje van dat schattige matroosje nog hard nodig hebben.

Negatief reisadvies

Bij de koers die de rederij aanhoudt om in 2022 tot “beter wonen, werken en recreëren” te komen, komt de vloot mogelijkerwijs in aanraking met steeds woeliger baren. Het is zéér de vraag of de gehele vloot daar in 2022 tegen bestand zal zijn.

Daarom raad ik mijn medepassagiers aan om bij de eerste de beste gelegenheid van boord te gaan en een dikke claim in te dienen bij het concern waartoe de rederij behoort. Zij hadden beter moeten weten, en zich nooit voor onbeperkte tijd mogen inlaten met de in nevelen gehulde figuren.

En verder hoop ik vurig dat het Shell-tankstation niet terugkeert in het straatbeeld van Delfzijl. Dat zou een fijn symbolisch statement zijn, een opmaat voor een cruise in de verre toekomst, die wellicht wél de gewenste ontspanning brengt.

(Het verhaal van de NPR gaat uiteraard op voor alle gemeenten waar zich bevingen voordoen. Ik heb Delfzijl als voorbeeld gebruikt.)