Categorie├źn
Droomgedicht

Droom 7

De akkers liggen er pront bij.

Ik streel de wulpse welvingen van de klei

en zing er zacht een liedje bij.

“Kiele-kale, kiele-kale,

zul je wel de markt hale.”

Opeens word ik van achteren

vastgepakt door twee wezens

met enorme oogkleppen op.

Zij sleuren me mee naar een vervallen boerenschuur.

Die ligt barstensvol met graan.

“En nu goud spinnen,

wil je je leven winnen.”

Met enkele tientallen doofstomme muizen in mijn kielzog

begin ik aan mijn taak.

De muizen doen niets anders dan hapjes

uit de korrels nemen.

Dat noemen ze testen.

Na twee maanden is alles kapot.

NM, 2011