Categorie├źn
Droomgedicht

Droom 4

Er staat een hert in de wei.

Heel lang staart hij me aan.

Ondertussen word ik steeds kleiner en kleiner.

Als een warrig stipje schuif ik op zijn netvlies.

Armen en benen verdwijnen.

Ik ben ronder dan rond.

Tweekantig blik ik met hem over het land.

Het resultaat van fotosynthese strekt zich meterslang uit.

We bukken ons en rukken de pollen uit de grond.

Als wilden malen we de sprieten plat.

Links en rechts doemt de wereld op.

Ik waak en waak, maar het malen maakt slap.

Nog voor het donker valt, schuif ik van blik naar buik.

NM, 2011