Categorieën
Droomgedicht

Droom 22

Voorzichtig wandel ik door een holronde koopgoot.

Bij het leugenbankje in het midden houd ik halt.

Terwijl ik me uit mijn rugzak worstel,

wordt er schel naar me gefloten.

Mijn nieuwsgierigheid wint het van mijn doel.

Met de rugzak in de aanslag draai ik me om.

In de deuropening van een ketenwinkel staat

een drabbige man met lederen slagersschort voor.

Hij wijst op de stapel withouten lettercombinaties in zijn etalage

en klapt het schort omhoog. “L O V E is V O E L…”

Ik schud mijn hoofd. “H O M E is B O E M” roep ik,

en trek met één ruk aan het touwtje de spelfout recht.

NM, 2013