Categorie├źn
Droomgedicht

Droom 1

Ik sta in een blauwe kamer.

Mijn rug wordt gedrenkt in zonneschijn.

Op tafel ligt een lange appelschil met dito schaduw.

Ik staar naar de schil.

Als de schil aan de binnenkant bruin is, gaat de bel.

Ik kijk om me heen.

Er zijn drie deuren.

Een met een slot, en twee met een kruk.

Ik neem de rechterdeur met kruk.

Die leidt naar een hal.

Er is een matglazen voordeur.

Ik doe open.

Voor me staat de zon.

“Bent u hier wel aan het juiste adres?” vraag ik.

“Jazeker, want ik kom u wekken,” zegt de zon.

NM, 2010