Wat is nou eigenlijk de bedoeling?

bedoelingEen tijdlang heb ik me verdiept in het zogenaamde ‘governance gebouw’. Dat is het op de bewoners van Groningen gerichte broertje van het ‘gasgebouw’.

Het governance gebouw leunt, net als het gasgebouw, op samenwerkingsafspraken tussen de overheid en de NAM. Bij het gasgebouw gaat het om afspraken over winstmaximalisatie. Bij het governance gebouw gaat het om afspraken die burgers Vertrouwen moeten geven. Met een hoofdletter.

(Daar begint het gedonder al. “In vertrouwen kun je niet wonen,” zou ik Jan Schaefer willen parafraseren, een nogal atypische PvdA-er met een zekere mate van lef.)

Voor het herwinnen van dat vertrouwen doen bestuurders enorm hun best. Op allerlei manieren wordt de thermometer zo diep mogelijk in de levens van de bewoners van het gaswingebied gestoken. Soms helpen onderzoekers van universiteiten en andere instituten daarbij. De gemeten waarden worden keurig gerangschikt en becommentarieerd in (half-) jaarverslagen en rapporten.

Met die verslagen en rapporten slaat ‘de politiek’ vervolgens op tafel bij de minister van Economische Zaken. Een delegatie van EZ (onder wie ook Hans Alders) gaat dan in conclaaf met de NAM. Daar rolt een miljoentje of wat extra uit. Of dat miljoen daadwerkelijk bij de bethermometerde bewoners terecht komt, lijkt niet van belang. Er is resultaat geboekt. Door naar de volgende ronde.

Bijzonder is dit allemaal niet. Zo opereren bestuurders in heel Nederland, en in allerlei sectoren. Problemen zijn er niet om op te lossen, maar om gezellig te managen, het liefst in het schemergebied tussen ongeschreven wetten en het Burgerlijk Wetboek. En passant maken die bestuurders de boel graag wat complexer, zodat hun bemoeienis essentieel lijkt om er enige chocola van te kunnen maken.

(Lees over ‘complex maken’ ook dit artikel over Jos de Blok van Buurtzorg Nederland. Die heeft een verfrissend eenvoudige kijk op de dingen. Té eenvoudig voor menig bestuurder wellicht…)

Wat de governance in Groningen wél bijzonder maakt, is dat de bestuurlijke drang om zonder juridisering in dialoog met de belangrijkste stakeholders te komen tot een win-winsituatie ruim vier jaar na Huizinge het leven van vele duizenden gedupeerden in overdreven mate beheerst. En telkens is daar weer die thermometer. In plaats van korte metten te maken met de bron van ellende, hullen bestuurders de murw gebeukte burgers en hun ‘gevoel van onveiligheid’ uiterst vriendelijk en voorkomend in een cocon van onderzoeken – met de belofte van een bevrijdende oplossing.

Wat ‘Groningen’ ook zo bijzonder maakt, is dat het governance gebouw wordt bestierd door medewerkers van een wel heel ambivalente stakeholder: de Nederlandse overheid. Het leeuwendeel van de gasbaten verdween de afgelopen decennia in de schatkist. Daar staat tegenover dat de overheid ook zo’n 64% van de gaslasten (=kosten voor de schade als gevolg van bodembeweging door mijnbouwexploitatie) voor z’n rekening neemt. De BV Nederland streeft, net als iedere andere vanuit winst en verlies gerunde onderneming, naar zoveel mogelijk winst. Dat betekent dat aan EZ de schone taak is gedelegeerd om de gaslasten zoveel mogelijk te beperken.

Vervelende aspecten van de Groningse bestuurlijke oplossing

Het eerste vervelende aspect is de van iedere persoonlijke verantwoordelijkheid vrijpleitende taakverdeling. Ik maak even een zijsprongetje om mijn gedachtegang daarover uit te leggen.

In verband met een hoorzitting over ons WOZ-bezwaar zat ik een hele tijd terug tegenover een allervriendelijkste ambtenaar van de gemeente Groningen (die voert deze procedures uit namens Delfzijl). De ambtenaar hoorde mijn verhaal aan, gaf me groot gelijk, en noteerde ijverig al mijn aanvullende gaswinningsgerelateerde bezwaargronden.

Toen ik na het gesprek vroeg hoe de procedure nu verder ging, zei de ambtenaar: “Nou, deze aantekeningen gaan naar mijn collega, en die beslist.”

“Lekker makkelijk,” flapte ik eruit, “de één luistert naar het verhaal, maar beslist niet. De ander beslist, zonder ooit de bezwaarhebbende in de ogen te hebben gekeken. Zo helpen jullie elkaar om niet met een schuldgevoel naar huis te gaan.”

De ambtenaar keek me ietwat beteuterd aan. “Eh… tja, als u het zó stelt…”

Een dergelijke taakverdeling is ook ingebed in het Groningse governance gebouw. Tijdens keukentafelgesprekken over bouwkundige versterking worden notities gemaakt en beloftes gegeven. Dat wordt vervolgens langs getrapte lijnen gecommuniceerd met alle samenwerkende partijen (NCG/CVW/NAM). Daar worden de beloftes vakkundig langs de meetlat van vooraf bedachte oplossingen, met vooraf begrensde budgetten, gehouden. Het eindresultaat is een ambtelijk mede te delen compromis. Dit systeem stelt iedereen in staat zijn handen te wassen in onschuld. De keukentafelgesprekkenvoerder hakt geen knopen door, de knopendoorhakker kijkt de getergde Groningers niet in de ogen. De bouwbedrijven voeren enkel uit wat hen opgedragen wordt, en NAM/CVW vinkt af: Groningen is weer een stoute schoorsteen armer en dus een ‘veilige’ woning rijker. (Om maar een van de vele voorbeelden te noemen.)

Die ontduiking van verantwoordelijkheden komt overal in bestuurlijk Nederland voor, maar in Groningen gáát het wel ergens over. De vraag wie waarvoor verantwoordelijk is wat betreft de veiligheid van tienduizenden Groningers kun je niet onbeantwoord laten.

Het tweede vervelende aspect van de Groningse bestuurlijke oplossing is dat men krampachtig vasthoudt aan de box.

Meerdere malen heb ik ten overstaan van bestuurders een uiteenzetting gegeven over het naar mijn smaak nogal wiebelige ‘governance gebouw’. Men vroeg me wat dan wél zou helpen. “Jurisprudentie,” was steevast mijn antwoord. “Richt een fonds op, zodat mensen kunnen procederen. Zorg dat álle Groningers recht wordt gedaan.”

De meesten vonden dat nogal ‘out of the box’. Sommigen spraken dat ook letterlijk uit.

“Maar IN DE BOX helpt niet,” ging ik daar dan op in. “Want die box wordt volledig bepaald door de NAM en de overheid, in casu EZ. En hoe je het ook wendt of keert, dat zijn partijen die vooral vanuit hun positie in het gasgebouw denken en opereren.”

Dat drong heus wel door tot die bestuurders, maar vervolgens gingen ze weer vergaderen, en dan kwam vanzelf het poldermodel bovendrijven, en de ‘complexe materie’. Al gauw was men het er weer over eens dat juridisering voorkomen moest worden. En dan daarbij: de Arbiters Aardbevingsschade waren nog maar net begonnen. Eerst maar even afwachten wat dát ging opleveren, aldus de bestuurders. (Afwachten is het stelen van tijd van getergde Groningers. Je moet maar durven…)

De oplossing: meer bevoegdheden?

Feitelijke aanpak van de mijnbouwproblematiek kan alleen door de mijnbouwexploitant aansprakelijk te stellen en ertegen te procederen. Een rechtsbijstandsverzekering afsluiten lukt helaas niet meer. Daarnaast kosten procedures veel geld en tijd. Dat eerste hoeft geen argument te zijn (stort wat in een fonds voor rechtsbijstand!), dat tweede is een argument aan het worden, omdat veel Groningers al jaren aan het lijntje worden gehouden en zich in gelatenheid van de ellende afwenden.

Emotionele aanpak van de mijnbouwproblematiek wordt gekanaliseerd via het ‘governance gebouw’. Zoals ik hierboven heb betoogd, zijn goedbedoelende bestuurders al dan niet bewust doktertje aan het spelen. Met de thermometer in de hand gaan ze liever nog een keertje extra door het Groninger land, dan over te gaan tot feitelijke aanpak van de problemen.

De laatste tijd klinkt de roep om meer bevoegdheden voor de NCG steeds luider. De gedachte lijkt te zijn dat het dan wél gaat lukken. Ik geloof daar niet zo in. Bestuurders gonna be bestuurders. Bovendien is er geen bestuurder zo gepokt en gemazeld in het polderen als Hans Alders. En vergeet niet dat de NCG een apparaat is in de prettigste traditie van regelneverij, een warm bed voor ambtelijk Nederland. Goede salarissen, leuke carrièreperspectieven, raakvlak met de meest uiteenlopende sectoren, werkzaamheden met een humanitair randje. Als je daar bevoegdheden bovenop gooit, is dat geen enkele garantie dat het recht zal zegevieren. Wel krijgt dat pruttige polderen in de schaduw van het Burgerlijk Wetboek dan een officiële status. Maar ten koste van wat?

Wat weinigen hardop durven te zeggen, is dat het ‘governance gebouw’ de traumatisering van de Groningers in de hand werkt. In het oerwoud van nogal knullig uitgevoerde bestuurlijke regelingen wordt sinds Huizinge de ene na de andere onrechtmatige (overheids-) daad op elkaar gestapeld. Het is gissen hoe dat nou kan, met zoveel ervaren bestuurders bij elkaar. Zelfoverschatting? Prestatiedrang? Desinteresse?

Tot slot ben ik van mening dat ‘Groningen’ te groot en te ingrijpend is om te misbruiken voor de instandhouding van een comfortabele bestuurlijke biotoop. Je kunt wel met bevoegdheden strooien, maar als bestuurders verantwoordelijkheden blijven ontduiken via een getrapte taakverdeling en weigeren uit hun box te stappen, heeft dat voor de Groningers geen positief effect. Wat je dan krijgt, is een topzwaar instituut onder de vleugels van stakeholder EZ, dat alleen tussen de Groningers in staat om hen nog eens lekker te temperaturen. Voor al het overige zal de NCG verder dan ooit bóven de burgers staan.

De meeste bestuurders zijn niet dom. Ze weten heus wel dat ze op die manier niet alleen de autonomie van de Groningers, maar ook de rechtsstaat nog meer geweld aan doen dan nu al het geval is.

Vandaar mijn vraag: Wat is nou eigenlijk de bedoeling?

3 gedachten over “Wat is nou eigenlijk de bedoeling?”

  1. Out of the box thinking hoort niet bij de overheid of de multinational. Dat heb ik aan den lijve ondervonden. Zij leven in de wereld van de jurisprudentie. Als je het ergens niet mee eens bent of een verbeter voorstel hebt, dien dan een zienswijze in. Dan kom je bij de commissie van de rechtsbescherming van de overheid. Een commissie die bestaat uit hobby oud rechters, die zogenaamd een onafhankelijke functie bekleden. Die er niet zijn om een goed voorstel te begeleiden, maar om de besluiten van de overheid en haar ambtenaren te beschermen. Dan kun je tenslotte nog bij de RvS terechtkomen om toch je verbeter voorstel te deponeren en merk je welke dubbele rechtsbescherming de overheid en haar ambtenaren hebben. En……….daarachter schuilt de multinational met haar foute plannen, die de overheden al hebben ingepalmd met hun verkregen vergunningen. Welkom in de Nederlandse rechtstaat.

  2. Die hele handel snap ik het mijne niet van . Ik voel mij echt de pineut . Omdat slapen bij mij een nachtmerrie
    is sturen ze iemand om voor ons een ander huis te zoeken . Mag best , als de NAM de onkosten maar betaald .
    En bovendien , deze maand al twaalf bevingen en de dikke van meer dan vier op komst . Wat is onze toekomst
    hier ? Groetjes . Jantje Frik .en sterkte .

Reacties zijn gesloten.