Veiligheidsregio Groningen hanteert verkeerd uitgangspunt

je hebt meer in huis dan je denktOp de site van Veiligheidsregio Groningen staat het Incidentbestrijdingsplan Aardbevingen (februari 2014), hierna te noemen IBP.

Dat is mooi, want in Groningen worden steeds zwaardere geïnduceerde bevingen verwacht. En bij zwaardere bevingen zijn “incidenten” zoals instortende huizen, wegvallende nutsvoorzieningen, industriële ongelukken en andere rampspoed niet uitgesloten.

Veiligheidsregio Groningen hanteert volgens mij een scenario dat op de verkeerde leest is geschoeid. Ik leg hieronder uit hoe ik tot die conclusie ben gekomen.

Grondversnelling (PGA-waarden)

De versnelling is de mate waarin de grond tijdens een beving heen en weer beweegt. Veiligheidsregio Groningen meldt dat er bevingen met een kracht tot 4,1 op de schaal van Richter kunnen plaatsvinden, met een berekende grondversnelling van 0,12 g (oftewel 120 cm/s2).

Dat is informatie die minister Kamp in januari 2014 naar buiten heeft gebracht.

Vanuit de gedachte “better safe than sorry” heeft Veiligheidsregio Groningen zich voorbereid op een nóg forsere beving: 5,0 op de schaal van Richter.

Over de grondversnelling die bij een dergelijke beving hoort, wordt in het document met geen woord gerept.

Wel verwijst Veiligheidsregio Groningen indirect naar de risico-analyse die SodM in januari 2013 publiceerde.

Deze analyse bevat de volgende berekende PGA-waarden voor een zware beving bij Huizinge (epicentrum van de beving op 16 augustus 2012):

PGA + Doden Huizinge

Zoals u ziet, varieert de berekende grondversnelling van 0,08 tot 0,49 g (oftewel 80 tot 490 cm/s2).

Intensiteit

De schaal van Richter zegt alleen iets over de vrijgekomen energie bij een beving. Het is de intensiteit die aangeeft welke schade er aan de oppervlakte ontstaat.

Intensiteit kun je bepalen door na iedere beving te inventariseren wat mensen precies ervaren hebben en welke schade er is ontstaan. Voor zover mij bekend stelt het KNMI de intensiteit vast op basis van meldingen (telefonisch en via hun website).

Veiligheidsregio Groningen gaat voor het geschetste scenario uit van intensiteit VII op de Europese Macroseismische Schaal (EMS).

Daar horen de onderstaande gevolgen bij:

“Veel mensen zijn geschrokken en rennen naar buiten. Velen hebben moeite om zich staande te houden. Meubilair verschuift en topzwaar meubilair kan omvallen. Voorwerpen vallen van schappen, water spoelt over uit vaten, tanks en zwembaden. Gebouwen vertonen aanzienlijke tot zware schade, van scheuren in muren, dakpannen die wegglijden tot schoorstenen die afbreken en in een enkel geval (gedeeltelijke) instorting/bezwijken van constructies.”

Koppeling intensiteit en grondversnelling

In onderstaand grafiekje van de RUG wordt de EMS-intensiteit gekoppeld aan de grondversnelling:

EMS en PGA

Bij de grondversnellingen zoals berekend door SodM komen we uit op intensiteit VIII tot IX – wat gepaard gaat met dramatisch forsere schade!

Zouden we dat terugvertalen naar de schaal van Richter, dan komt dit overeen met een beving met een kracht van 6,0 – 7,0:

Relatie EMS en Richter

PGA-waarden tijdens de Huizinge-beving

De beving bij Huizinge had volgens het KNMI een kracht van 3,6 op de schaal van Richter en een EMS-intensiteit van VI.

Die intensiteit valt niet te rijmen met de PGA-waarden van de versnellingsmeters in het betreffende gebied:

Relatie EMS en Richter

(Bron: KNMI, via website NAM)

Uitgaande van een PGA-waarde van 17,7 tot 85 cm/s2 komen we met behulp van het grafiekje van de RUG voor het gebied het dichtst bij het epicentrum uit op een intensiteit van VI tot VIII.

Dat klopt aardig met de ervaringen in en rond Huizinge. Woningen golfden en schokten op en neer en heen en weer, diverse kanten op. Mensen konden zich niet goed staande houden. Sommigen renden geschrokken naar buiten. Meer dan de helft van de gemetselde woningen in Middelstum (grootste plaats in het gebied) raakte beschadigd.

Kans op doden

Voor het scenario met een beving van 5,0 op de schaal van Richter komt Veiligheidsregio Groningen uit op score B (= “onwaarschijnlijk”) voor het criterium “Doden”:

Criteria IBP "Doden"

Dat lijkt mij iets te optimistisch ingeschat in het licht van de berekende aantallen doden in de tabel van het SodM (scroll naar boven).

Het maximale aantal doden bij een beving van 5,0 op de schaal van Richter is voor een gebied tot 15 km afstand van Huizinge berekend op 118. Wat zou het zijn voor een gebied tot 15 km afstand van Groningen, of tot 15 km afstand van Delfzijl + Chemiepark?

Samenvatting en conclusie

De Veiligheidsregio Groningen gaat in het IBP uit van een beving van 5,0 op de schaal van Richter, met een EMS-intensiteit van VII.

Dat is een onrealistisch scenario. Voor de beving bij Huizinge (“slechts” 3,6 op de schaal van Richter) is al een EMS-intensiteit van VI-VIII aannemelijk gemaakt.

Bovendien heeft het SodM voor een zware beving een bandbreedte met vrij hoge PGA-waarden berekend.

Baseert Veiligheidsregio Groningen zich op de risico-analyse van het SodM, dan moet men bij een beving van 5,0 op de schaal van Richter uitgaan van EMS-intensiteit VIII tot IX.

En daar horen hele andere scores op het risicoprofiel bij…

(Voor opmerkingen bij en aanvullingen op dit verhaal houd ik mij aanbevolen. Zie Contact voor mijn gegevens.)

Eén gedachte over “Veiligheidsregio Groningen hanteert verkeerd uitgangspunt”

  1. Een goed en gedegen artikel van iemand die haar zelf niet als deskundige ziet.
    Ik kan jullie vertellen dat zij meer deskundig is dan ze zelf denk.
    Dank voor je steun, hier kunnen gedupeerden iets mee.

Reacties zijn gesloten.