Het Gevaar

Het Gevaar

Ik zit in de put en dat is dat.

De vraag is of het veilig is.

Het Puttenhoofd vindt van wel.

“De put is diep.

Zonder hulp komt u er nooit meer uit.

Daarmee is Het Gevaar geweken.”

Ik kijk om me heen.

In de keuken kookt Woede,

aan tafel eet Verdriet zich op.

In bed ligt Hoop te bidden,

en op de bank hangt Angst.

Met zulke huisgenoten kan ik het wel schudden.

Dan bonst mijn hart. Ik doe open.

Er rolt een ladder uit, geknoopt van

alles wat zich geroepen voelt.

Dat is nog best veel.

 

NM